HET ANHOLTER PANDSCHAP 1563— 1612. 81
t. w. bij de monstering ! — in totaal één maand soldij ontvangen enverder geringe belooning en dit alles nog voorgeschoten door deBronckhorsten. Vandaar thans het verschijnsel van desertie, terwijlzij in het eerst belangrijke diensten hebben bewegen: toen Keppelen Bronkhorst door de Staatschen genomen werden, bleven Groenloen Breedevoort toch behouden. Laatstelijk is de verovering van Zutphengelukt door de list van twee op Breedevoort gelegerde Soldaten vanwijlen Jakobs vendel 1). Daarom moeten deze Soldaten, van wie ersommigen reeds 6, 7 en 8 jaren gediend hebben, in bezoldiging methet Geldersche regiment gelijkgesteld worden, te meer, daar zij nogheel wat te vorderen hebben. Onlangs is een aanslag van Van den Berghop Breedevoort mislukt 2). Ingesloten als Anholt en Breedevoort liggentusschen Munster en Kleef, waardoor de prijzen der levensmiddelener hoog zijn, is het noodig, dat de last van het garnizoen voor de in-woners verlieht worde; het is niet mogelijk, dat Jakobs weduwe noglanger blijft betalen. Indien geen uitkomst gegeven wordt, julienDietrich, zijn schoondochter en haar kinderen hun steden en huizenmoeten verlaten.
Ofschoon het hiertoe niet kwam, is 1584 toch een van de moeilijkstejaren der oorlogsellende voor Breedevoort geweest. De drost Palyck vanMarckeloeff klaagt erbarmelijk over de soldaten, tegen wier overmoedhij niets doen kan, daar hij — waarvoor hij dankbaar is — het bevelover hen niet heeft. Zij rantsoeneeren de arme burgers, soms gelukthet den drost, in samenwerking met den vaandrig, wat geld voor soldijbijeen te brengen, maar dat zijn kleine bedragen, die slechts voor körtentijd kunnen baten; gaarne wil hij, als Gertrud meent, dat hij te kortschiet, daar hij niet veel meer vermag te doen, dan Goswin van Raesfeldten Peter de Monte met den geheelen toestand op de hoogte brengen,van zijn drostambt ontheven worden 3). Soortgelijke klachten ont-vangt Gertrud uit Aalten, van den voogd Jan Holstein, over de troepen
i) Tadama, Geschiedenis der stad Zutphen, Arnhem 1856, blz. 322, vermeldt, dateen Zutphensch soldaat, te Breedevoort gevangen, de geheimen der Zutphensche zwakheidaan de Spaanschen verklapte, waardoor Taxis, van wien Tadama niet vermeidt, dat hijte Breedevoort lag, den doorslag gaf tot den listigen aanval op Zutphen; dit alles is nietin strijd met onze gegevens, die op zieh zelf misschien bevestigd worden door een briefvan vaandrig Oswald van den Boetzeler te Breedevoort aan den krijgscommissaris Peterde Monte, 16 Sept. 1583, waarin God gedankt wordt voor de overwinning en gezegdwordt, dat de goede lieden moeten beloond worden, die haar tot stand hebben gebracht,orig., Kriegsakten no. 256, Bd. V. F. S.-S. Arch., en door de volmacht, die Gertrud vonMilendonck geeft aan Herman ten Holthe om van de te Anholt en Breedevoort liggendeSoldaten, die bij de verovering van Zutphen losgelden van burgers ontvangen hebben,naar krijgsgebruik het vierde gedeelte te incasseeren ten bate van haar zoon, den bevelhebber-titulair, 2 Febr. 1584, orig., Kriegsakten no. 256, F. S.-S. Arch.
2) Hierin zal vooral een daad van persoonlijke wraak te zien zijn, wegens decontributies;over de voortdurende vechterijen, diehiermede samenhangen, zie men verscheidene brievenin het Anholter Archief, gewisseld tusschen Anholt en Bergh en daaronder één van Goswinvan Raesfeldt aan Bergh van 28 Oct. 1581, waarin Raesfeldt met verwondering vraagt ofVan den Bergh nu werkelijk, zooals uit zijn strijd tegen Anholt op te maken zou zijn,de partij der rebellen, d.i. der Staatschen, gekozen heeft!
3) 5 Febr. 1584, orig., Kriegsakten Bd. V, no. 256, F. S.-S. Arch.