Druckschrift 
Het ambt Breedevoort tijdens het Anholter pandschap : 1562 - 1612
Entstehung
Seite
14
Einzelbild herunterladen
 

14 HET AMBT BREEDEVOORT TIJDENS

hofhoorigen een geldstukje (plakke) als bewijs hunner dienstbaarheiden werden dan in den officieelen legger (het z.g. Hofboek i)) inge-schreven. Verzuimden zij hier te verschonen en stierven zij dan binnenhet jaar, dan ging de helft van hun gansche bezitting tot den pot enden lepel toe aan den pandheer over, terwijl anders slechts(!) de helftvan het getaxeerde viervoetige vee behoefde te worden afgestaan. Inden loop der tijden waren weliswaar reeds onderscheidene hofgoederenvrijgekocht, maar de z.g. lijf- en wagendiensten 2) waren daardoornergens komen te vervallen, zoodat er buiten de quiver allodiale goede-ren, de burgleenen en havezaten 200 goed als geen hoeve bestond,waarvan de bewoners niet in een of anderen vorm verplichtingen(geldrenten, koorntienden, persoonlijke diensten, en?.) jegens denpandheer hadden na te komen.

De rentmeester Johan Dienberch van Rhemen, door Dietrich bij depandaanvaarding overgenomen, en wiens eerste verantwoording 3) aanden nieuwen pandheer loopt van 9 Mei 1562 (datum van lossing aanIsendorn) tot Michaelis 1563, had begrijpelijkerwijze in deze périoderekening te houden, eenerzijds met de afwikkeling van bovengenoemdelossing (ploeg- en mestrecht van sommige landerijen en daarvan nogte oogsten gewassen, e. d.), anderzijds met afspraken en regelingentusschen commissarissen der Rekenkamer en den nieuwen pandheerbij de jongste overdracht. Zijn uitgaven vooral dragen daar de sporenvan, zoodat er over genoemd tijdvak, ongeacht de opbrengsten in naturavan rogge, haver en gerst, waarvan afzonderlijk boek werd gehouden,maar met verdisconteering van de pachthoenders, de pachtzwijnenen het hooi, slechts een batig slot over was van 400 goudgulden 1 stuiveren 12V2 placken 4). Globaal gespecificeerd hadden de ontvangsten(zonder koorn) bedragen: 1224 g.g. 18 st. 3 pi. aan contanten, 894pachthoenders, 99 1 /' 2 eieren, 22 pachtvarkens en 11 voeren hooi, waarbijechter in aanmerking genomen moet worden, dat een gedeelte derhoenders, der varkens en andere posten niet ontvangen werd wegensnog hangende procedure als anderszins.

Een der de belangrijke functie, bij Dietrichs komst waar genomendoor Frederik Raeshorn, was die van richter, wiens werkkring ziehtot de justitieele en notarieele zaken bepaalde. Ten gerieve der ambts-bewoners begaf hij zieh, van den landschrijver vergezeld, om deveertien dagen een dag naar Winterswijk en Aalten, welker ingezetenendan verplicht waren hen met wagen en paard te halen en terug tebrengen, ten einde daar met twee keurnooten of assessoren de bank

1) Aanwezig in het Geldersche Rijksarchief. Zie verder publicaties over de hofhoorigheido.a. Schrassert, Codex Gelro-Zutphanicus, biz. 285—301 ; Dr. Weststrate in Kramer, „JeMaintiendrai", een boek over Oranje Nassau, Leiden z. )., dl. II, biz. 25; B. Stegeman,Het Oude Kerspel Winterswijk, e. a.

2) Die trouwens niet uit het hofrecht ontstaan waren, maar een publiek-rechtelijkkarakter droegen.

3) Aanwezig in het F. S.-S. Arch.

4) Den g.g. gerekend op 28 st. brab'., den st. br. op 15 placken.