II.
CHRONOLOGISCH OYERZIGT DER GRAVEN VAN LIMBURG STIRUM, DIE INNEDERLANDSCHEN MILITAIREN DIENST ZIJN GEWEEST, i
1. HERMAN OTTO, Graaf van Limburg Stirum, Baanderheer van Bronkhorst, Heer van Stirum, Wisch,Borkulo en Ghemen, zoon van Joost en Maria Gravin van Hoistein Schaumburg. Hij noemde zich «erigenaamin Hoistein.)) Geboren, denkelijk te Borkulo, maar aldaar in de registers niet meer te vinden. Hij stierf in Bergenop Zoom, 7 October 1644, aan de gevolgen zijner wonden en is begraven te Borkuio. Zijn echtgenoote wasAnna Margaretha, Baronnesse van Spies, met wie hij drie zoons en een dochter had.
Op de holpoort van het kasteel van Borkulo ( hetwelk eenige jaren geleden werd geslecht) stond, aan destadszijde in steen gebeiteld, het wapen van Herman Otto en van zijn gemalin, waaronder de navolgendeopschriften, die hier ((in volkomen afschrift x volgen:
„%jfrmmi (Btto (Sraf jtt Cimbcrd) „Anna Rlnrgrfta (Schoren gptcs
,,nnb Grontkljorst, ^err )u Rtiirmn tlrcdjcn jtt Cobcnborf (Sröfin ju Cim-
„tMisdj Gorkdo unb (Stjcmcn — ^ anbt- bord) nnb Gronckljorst Uratno
„%)rrr ^n Gcbbcrtlj €rb-panbrrt)crr Stiruni, tOist]) Gorkdo nnb
„bro .fitrstcnboais (Srlbcr nnb (Srafsdjaft (Sljcmrn panburoum ju Cirbbrrg
„3ntpl)cn — ( Konnnisas (Scn^ non brr ^rbanber Urantu bta Gnratrnboma
„ daualcrie — ( Sttbcrnator jtt ttlcjtl (Sflbrr nnb (Srafedjaft Butptjfn.
„ Gnrtt) (&riib nnb unbcrljorrige Uortm rtc.
Herman Otto was Luitenant Generaal der Nederlandsche ruiterij; ofschoon dapper krijgsman, bezat hijminder de eigenschappen van een hoofdaanvoerder. Hij woonde het beleg bij van Bergen op Zoom door Spinola.Men verwachtte het ontzet dier stad van den Graaf van Mansfeldt, die met zijn leger tusschen Mannheim enHeidelberg lag en in dienst der Staten was overgegaan; inderdaad baande zich deze een weg naar de Nederlanden
i Een chronologisch overzigt te geven der Graven van Limburg Stirum, welke in Nederlandschen militairen dienst zijn geweest, heefteigenaardige moeijelijkheden, want hun getal is groot en de aanteekeningen, die men heeft kunnen vinden, zijn onvolledig. Men heeft zichalzoo tot hoofdzaken bepaald, terwijl de nog levende leden der familie hierbij niet zjjn opgenomen. Deze vindt men trouwens in degenealogische opgaven.