208
MARIA VAN ENGELAND.
werd, heeft getoond. Toen in 1685, acht jaren na haarhuwelijk, haar oom Karei II stierf en haar vader alsJacobus II den Engeischen troon besteeg, was zij allerminstbiind voor diens streven om in zijne protestantsche rijkenhet Katholicisme zoo stevig te bevestigen, dat het iaterniet meer onderdrukt of ondermijnd zoude kunnen worden:voor zijne pogingen om ter bereiking van dit doel de huipin te roepen van Frankrijk, waar Lodewijk XIV om dezentijd door de herroeping van het edict van Nantes konddeed, dat hij de uitroeiing der Protestanten in zijn rijk toteiken prijs besloten had. De jonge prinses van Oranjewas eene vurige Protestante, eene overtuigde aanhangsterder hervormde ieer, waarin Jacobus zeer tegen zijnenwensch, op bevel van Karei II, zijne beide dochters haddoen opvoeden. Haar hart dorstte naar godsdienst en gods-vrucht; maar zij behoefde tusschen God en haar gemoedgeenen geestelijke als bemiddelaar; zij had genoeg aanharen Bijbel. In den feilen strijd, die in hare dagen op-nieuw tusschen Katholicisme en Protestantisme was uitge-broken, koos zij met groote beslistheid de partij van hetlaatste. De openlijke overgang haars vaders tot de roomsch-katholieke Kerk, zijn tweede huwelijk met eene prinses uithet streng katholieke vorstenhuis der Este's, had haar reedsals kind diep geschokt en, vroeg rijp als haar oordeel was,in eenen vloed van tranen doen uitbarsten. Toen haarvader na zijne troonsbestijging zich bij toeneming denonverzoenlijken vijand toonde van wat in haar oog dezaak van Godes Kerk was, werd zij al meer en meer tegen