i88
AMAHA VAN SOLMS EN MARtA STUART.
vrienden niet inwiiiigen zonder geheel hun verleden teverloochenen, zonder eenen zedelijken zelfmoord te plegen.In dat voor hem zoo hachelijk tijdsgewricht, waarin zijneigen aanhang dreigde hem alleen te laten, stond de Wittmet weinigen pal. Zoo te eenigertijd het optreden vaneenen Oranje aan het hoofd van 's lands krijgsmacht, endan nog tijdelijk en met de noodige beperking, denkbaarware — herstel van het stadhouderschap in Holland mocht,als doodelijk voor hetgeen hij 's lands vrijheid noemde,nimmer worden toegegeven. Hij begreep evenwel, dat ietsmoest worden gedaan om den algemeenen aandrang tebreken, den gemoederen tijd te geven om te bedaren.Vandaar de om dezen tijd met ophef verordende vernietigingder ar/g vaw en het besluit, door hem persoonlijk
doorgedreven, waarbij de jonge prins tot Kind van Staatwerd aangenomen.
Het was een heerlijk oogenblik voor Amalia. Het langewachten, het harde zelfbedwang werden haar in die urewel vergoed. Maar al had Holland zich bereid verklaard's prinsen opvoeding in zoo verre te bezorgen, „dat hij„bekwaam mocht worden tot de bediening der hooge charges„en employen bij zijne vaderen voormaals bekleed", hethad zich geenszins verbonden om hem op een bepaaldtijdstip tot die waardigheden te verhellen. De maatregelgaf schijn voor wezen en verzekerde den Hollandschenregenten, onder bepaalde omstandigheden, nuttigen invloedop den persoon van den prins. Evenals het jaren langAmalia's streven was geweest, was het thans de Witt's