Druckschrift 
2 (1911)
Entstehung
Seite
163
Einzelbild herunterladen
 

AMAHA VAN SOLMS EN MARIA STUART. 163

worden aangebracht, naar de bedoeling der stichteres hetnoodiot voorsteHende, dat alies verandert en doet ver-keeren. Om dezelfde reden ziet men hoog in den koepelder zaal nog eens het beeld van Amalia, neerziende ophare schepping, maar in een weduwkleed en met een doods-hoofd in de hand. Een weinig lager leest men in goudenletters het door Huyghens ontworpen opschrift, dat hethoofddenkbeeld der stichting wedergeeft:

vAlTMS.

UMior/s AfoM. /McoMSoAüAf/A

A., Amalia van Solms, de troosteloozeweduwe, heeft aan haren onvergelijkelijken gemaal FrederikHendrik, Prins van Oranje, dit hem alleen waardig gedenk-teeken van haren eeuwigdurenden rouw en liefde op-gericht.

Door den bouw en de inrichting der Oranjezaal wistAmalia nog kleur en gloed te geven aan het eenzameleven, dat zij te 's-Gravenhage in het zoogenaamde OM&-Afo/ in het Noordeinde leidde, zich verdiepende in deherinneringen der schoone dagen aan de zijde van harengemaal, die nu voor goed voorbij waren. Ergernis, teleur-stelling en knagend verdriet werden thans maar al te zeerhaar deel. Haar zoon bekleedde thans des vaders plaatsen machteloos moest zij het aanzien, hoe deze als methanden afbrak, wat de laatste had opgebouwd. Door hemzag zij den vrede bedreigd, dien vrede, dien zij als dekroon van het werk van Frederik Hendrik beschouwde,waartoe zij zelve uit overtuiging mede de hand had geleend.