Druckschrift 
2 (1911)
Entstehung
Seite
156
Einzelbild herunterladen
 

Jg6 AMAHA VAN SOLMS EN MARIA STUART.

van Oranje dubbel werd gevoeld, is buiten twijfei; zij waste heerschzuchtig om anders dan met weerzin af te daienvan het hooge standpunt, waarop zij zich ais gemaiin vanden machtigen stadhouder zoo lang had gehandhaafd. Maardat haar ieed om den echtgenoot, die haar nog stervendzijne iiefde en achting had betuigd,zijn aengesichte naeMevrou de princesse toewendende en haer aensprekendewel kortelyck maar gansch herteiyck en christeiyck, ghe-iyck haere Hoogheyt van haere zijde niet manqueerdemet beweeghiycke woorden ende overvloedige tranen teantwoorden", zooals Aitzema verhaalt; dat hare smartom het afsterven van den man, wien zij zooveel te dankenhad, met wien zij twee en twintig jaren lief en leed hadgedeeld en om wien zij het rouwkleed nimmer heeft afge-legd, enkel zelfzucht zoude zijn geweest, zooals menfluisterde, laat zich onmogelijk aannemen. Door eene open-lijke handeling trouwens heeft zij deze vermoedens ge-logenstraft. Nog vóór het stoffelijk overschot van FrederikHendrik in den grafkelder te Delft was bijgezet, besloot zij,hem een mausoleum te stichten, dat zijnen roem en haresmart vereeuwigen moest, in haar nog niet voltooide lust-huis aan het einde van het Haagsche Bosch. Daar wildezij, dat in de groote receptiezaal, in navolging van dewerken door Rubens uitgevoerd voor Maria de Medicis inhet paleis van deze te Parijs en voor Karei I van Engelandin de banketzaal te Whitehall, in eene reeks van allegori-sche tafereelen het leven van den grooten stededwingerzoude worden afgebeeld; en reeds in April 164.7 dus nau-