Druckschrift 
2 (1911)
Entstehung
Seite
154
Einzelbild herunterladen
 

154

AMALIA VAN SOLMS EN MARIA STUART.

de prins van Talmont in zijne wMino/res, ,,en zij zwoermij, dat zij nooit iemand anders dan mij zoude huwen,dat zij zich niet zou laten bekoren door weidsche titeis,dat zij ieder ander aanzoek zou voorkomen door duidelijkte kennen te geven, dat wij ons aan elkander verbondenrekenden. ... Ik mocht hopen op de goedgunstigheid van

den prins en op de lieide, die hij zijne dochter toedroeg,"

gaat hij voort; maar Amalia van Solms kon zich in diedagen nog geenen anderen gemaal voor hare dochterdenken dan een regeerend vorst. Op hoe hooge afkomst,op hoe rijke bezittingen de prins van Talmont, die te

's Gravenhage op vorstelijken voet leefde, ook bogen kon,

het was voor hare eerzucht niet genoeg. De keurvorst vanBrandenburg deed om dezen tijd aanzoek om Louise'shand en hem besloot zij hare dochter uit te huwelijken;terwijl Frederik Hendrik sinds langen tijd zwak enlijdend en reeds den dood nabij, de kracht miste omzijne voortvarende gemalin te weerhouden van ditbesluit, zooals Louise het zoo vurig van hem had gehoopt.Vruchteloos verklaarde deze haren ouders, dat zij denkeurvorst niet trouwen wilde. Zij ging zelfs zoo ver ditden haar bestemden bruidegom zelven te verklaren en hemte verzoeken niet meer aan haar te denken. Ofschoon dekeurvorst zich ten hoogste aangetrokken gevoelde door deschoonheid en de rijke geestesgaven der prinses, verliethij daarop den Haag. Maar Amalia gaf daarom de zaakniet op. Zij bleef de onderhandelingen voortzetten met demoeder van den keurvorst, Frederik Hendriks nicht, de