AMALIA VAK SOLMS EK MARIA STUART.
143
den Bommelerwaard verzameld werd, om dan te scheep naarhet bepaalde punt van aanval te worden vervoerd. Talrijkwaren de koeriers die Amalia uit Buren de troepen achternazond. Frederik Hendrik was bekend om de onversaagd-heid van zijnen moed; hij waagde zich steeds op de ge-vaarlijkste en meest bedreigde punten en vruchteloossmeekten hem de Staten met zijne echtgenoote, zich tochniet noodeloos bloot te stellen. Het is dan ook niet enkeldichterlijke fantaisie, als Hooft Amalia van Solms, bij ge-legenheid van het beleg van 's Hertogenbosch, dat viervolle maanden duurde, over de onrust, die haar verteerdebij de tijding van het sneuvelen van zoovelen in loopgraafof gracht, laat klagen met de bekende woorden:
'K hoor alle daeghs van versche doodenGevelt in hol oft gallerij.
Elck overlijdt aan eighe looden;
Maer aller koeghels moorden mij.
Want ick mij elckmaels voel bezeerenAls van een punt,
Die denk: op 't hoofd met witte veerenWas dat gemunt.
Frederik Hendrik onderhield, als hij zich in het legerbevond, zelf eene vrij drukke briefwisseling met zijne ge-malin. Maar tot matiging van Amalia's onrust was dit bijlange na niet voldoende. Constantijn Huyghens, 's prinsengeheimschrijver, had in last haar dagelijks op de hoogte te