LOUISE DE COLIGNY.
123
zoo dikwijls had vervuld. Maar het was te vergeefs. Hoezoude zij ook hebben kunnen verzoenen wat uiteraardonverzoeniijk was ?
De weigering van Maurits om zijne troepen te doendienen tegen de Contra-Remonstranten leidde tot deonvermijdelijke uitbarsting. Zou Holland zwichten voor deAlgemeene Staten, den Stadhouder en de Kerkdijken?Oldenbarnevelt dacht er niet aan. Op zijn voorstel werd inAugustus van het jaar 1617 door de Staten van Hollandde -ScAër/'g aangenomen. Bij dit besluit werd den
hoven en rechtbanken verboden om voor de vervolgdeContra-Remonstranten op te treden en werden de vroed-schappen gemachtigd tegen dezen, zoo zij zich mochtenverzetten, eigen troepen, zoogenaamde waardgelders, in dienstte nemen, (eene krijgsmacht dus naast de bestaande en nietals deze eedplichtig aan den Kapitein-generaal); terwijl desoldaten van het leger der Unie met afdanking werdenbedreigd, zoo zij hunne diensten aan de Staten van Hollandweigerden. Voor de Algemeene Staten en voor Maurits,der Staten legerhoofd, kon dit besluit niet anders dan alsrebellie gelden. Van dit oogenblik was alle uitzicht opeene schikking verdwenen. Alleen geweld kon beslissen,wie heerschen zoude: de Unie of Holland, Maurits ofOldenbarnevelt.
Wat zoude de prinses van Oranje hebben kunnen doentusschen deze van weerszijden met verbittering strijdendepartijen? „Al haar roepen was tot vrede," verhaalt onsGerardt Brandt in zijne /VA/orzi? f/er „maar