Druckschrift 
2 (1927) (1093 - 1926)
Entstehung
Seite
237
Einzelbild herunterladen
 

237

LIBER RECOGNITIONUM.

Deel 1598—1G04.

N°2056 1598. Jan. 10. Op het goed van Jacob van Lennep gelegen aan den IJsseldijk bij Ilattem,wordt gepeind wegens een verschenen rente van 52 dalers jaarlijks.

N°2057 1598. Mei 8. Joffer Gerridt van Lennep, hv. Gerridt van Galen, en baar zuster Henrica vanLennep, dochters van wijlen Andrea van Appeltorn gewezen huisvr. van Jacob van Lennep,e. a. leden van het geslacht van Essen verwerpen de erfenis van Wendele van Brienen, wed°van Ilenrik van Aller en leveren erfgenamen twee houten koffers met zegels en brieven over.

N° 2058 1598. Sept. 13. Derick Henrixsen, als man van Dorothea van Essen, gewezen huisvr. van wijlenJohan van Lennep, compareert voor de niet nader genoemde kinderen van Johan vanLennep en Dorothea van Essen, en verzoekt het gericht om met de voogden dier kinderenHenrick van Iluessen en Bernhardt Feith in een geschil uitspraak te doen, waarop die voogdenverklaren, dat zulks behoort te geschieden door dezer kinderen bloedverwanten, Appeltorn enGalen.

N° 205!) 1603. Dec. 5. Jacob van Lennep en Henrick van Halteren, borgen van liet. erfhuis van zaligenDiderick Ripperhant, op wiens boedel door Wilbem Blanckebijll voor 42 dalers gepeind wordt.

G ER 1CHT8PROTOCOL.

Deel 1604—1609.

y°20G0 lu06. Febr. 3. Jacob van Lennep wordt door Herman van Eeppel, den scholt van Hattem, ge-citeerd om in persoon, of door zijn gemachtigde, voor het gericht te verschijnen.

N°20(!t 1606. Febr. 11. (Los stuk). Ick undergeschreff gelaffe den Schultus te betallen als huiden afterdryeweken als by verwonnen pande, ende begeer dat min sweger Apeltoern sulcks te boeke stelle.

Actum A° 1606 den XI februar.us antique stillo.

Orkunde mijn handt Jacob van Lennep.

N°2062 1607. Maart 9. Jacob van Lennep stelt zich bij het gericht borg voor Derrick van Appeltornin diens zaak tegen Berendt Jansz te lieerde.

N"2()63 1608. Oct. 5. Juffer Gerridtgen van Lennep, weduwe van Galen, en andere personen, moe-tende getuigen, zijn niet gecompareerd.

GERICHTSSIGNAAT.

Deel 1617—1623.

N° 20C4 1619. Maart 11. Vroulin van Lennep bekent 54 gl. schuldig te zijn aan Henrick Muller vanAhuis, welke zij betalen zal in 2 termijnen, uit de pachtpenningen, welke Arnt Bernts als pach-ter van 3 morgen land, in het kerspel van Hattem, aan haar, en aan haar man, Jacob vanLennep, moet betalen.