Druckschrift 
2 (1927) (1093 - 1926)
Entstehung
Einzelbild herunterladen
 

Wanneer deze verzameling mocht worden nagezien, zal de lezer wel begrijpen, dat de ver-zamelaar zijn hartgrondigen dank uitspreekt aan allen die hebben medegewerkt om dit deel temaken tot wat het geworden is. Zoolang als mijn gezondheid dit toeliet heb ik daaraan gearbeiden daartoe veel nagezien, maar het eigenlijke minutieuse werk, het ontcijferen der vaak onlees-bare acten is niet mijn werk maar daarvan komt de eer uitsluitend toe aan derden en in deeerste plaats aan de heeren Geheim archivrath Dr. Redlich Archivaris van het Staatsarchief teDusseldorf, Prof. Dr. Keussen Archivaris van het Oud archief der stad Keulen, Mr. Bondamen Jhr. Mr. Martens van Sevenhoven, rijksarchivarissen en Dr. I. S. van Veen, archivaris inGelderland, de heeren van het Rijksarchief in den Haag, inzonderheid wijlen Jhr. Mr. Feith,tijdelijk belast met de beschrijving van het archief van het kasteel Bergh en aan den HeerWijnandts van Resandt.

Daarenboven ontving ik van vele zijden regesten of afschriften van oorkonden, zooals vande heeren Kolonel I. D. Wagner, Dr. I. O. Bredius, Mr. Bijleveld en anderen.

Men moet over een en ander niet te licht denken, want al die hulp verschaffing kost veeltijd en moeite en stoort het eigen werk. Geen ijdel woord is het mitsdien wanneer ik voor aldeze vriéndelijke hulpvaardigheid mijn dank herhaal.

Wat was het mij aangenaam, dat mijn neef Jhr. Otto van Lenncp en later zijn dochterJkvr. J. E. van Lennep mijn medewerkers werden, de eerste om gedurende lange maanden destamreeksen der voorouders van Prof. Mr. D. J. van Lennep uit het Haarlemsche archief op tedelven, de tweede om mij gedurende mijn ziekte te hulp te komen. Hun arbeid bleek waarlijkniet gering en de resultaten waren verrassend.

Aan mijn neef Jhr. Mr. Roelof van Lennep dank ik, dat deze publicatie kon tot standkomen. Met zijn bekende gulheid voorkwam hij alle wenschen.

De bedoeling van het verzamelen en van de openbaarmaking was uitsluitend het bevredi-gen van den wensch iets meer te weten van den handel en wandel van ons voorgeslacht en degrondslagen te leggen voor nader en meer diepgaand onderzoek.

Mijn lange ongesteldheid belette mij de publicatie meer systematisch te doen. Er zijnvoorts veel omissies en veel drukfouten. Een herhaling van eenige oude oorkonden, die reedsin deel I voorkomen, scheen noodig, omdat deel II ten doel had de middeleeuwen meer tothaar recht te doen komen, terwijl het overzicht daardoor gemakkelijker werd.

Tot mijn leedwezen was ik wel verplicht, ter vermijding van kosten, van vele lange enzeer belangrijke oorkonden slechts regesten op te nemen.

Het is te betreuren, dat zooveel werk onafgedaan moest blijven en er onder meer geen ge-legenheid was de archieven en vooral de charters der kasteelen Hemmen en Keppel en hetarchief van Steinfort na te gaan. De Vorst van Steinfort voert nog de titels van Heer vanHelpenstein en Vrijheer van Lennep.