KYSius, den ^reop^y^er, leerlingen Tan PAULUS, val-scheiijk toegekende jPccssfoMes p^yRYe^ de
, eene ZeueTM&scAry'vfKy VHM j"j?yRtry,Ae? ZeneM vatK óJeM yo^AWA-s door PROCFORM,eenen der zeven dfaAeMeM, de ^eco^w:?foMes en ATowf-A'ëM van den H. CLEMENS, den voorgewenden opvol-ger van PETRUS en diens 6r:'e/' aan JAConus, in welkenhij dezen den dood van PETRUS meldt, de Cbws?27?z-?:'oMes der .dpos^eJeM, welke gezegd worden, doorctEMENS vervaardigd te zijn, het Z/óer poMfjAc^^M ,op naam van Paus DAMASUS ondergeschoven enz. —In deze schriften is de over?eoer:M<y ontstaan, uitge-werkt en tot in de kleinste bijzonderheden uiteenge-zet. Als bronnen van eene geschiedkundige getuigenishebben dezelve geen het minste gezag. — Uit dezeonzuivere bronnen hebben blijkbaar, gelijk wij verderzien zullen, PAPIAS, CEEMENS van .ZJaz-HMobië, TER-TULLIANUS en ORIGINES geput, die het verblijf vanPETRUS te jSowe, bevestigen, bij welke zich nog DIO-NYSius van Uora'ydAe gevoegd heeft."
Waarlijk ! EHEWDORF is zeer bedreven in de oudsteschriften. Nu zouden wij wel willen weten,-waar inde werken van DKWYSlus den ^reopot^y^er, in PRO-CHORUS leven van den H. JOANNES, over PETRUS woon-plaats te -/?o?Me gewag wordt gemaakt. Indien nu indeze schriften niets over dit onderwerp gehandeldwordt, hoe kunnen zij dan als bronnen opgegevenworden? Vervolgens wil onze kamerdienaar CRITICUSer vast en stellig op bestaan, dat de jPassfowes REzinye? welke voorgewend wordt, van nvus te zijn,
met al het overige geschrijf, niet eer, dan voor depierde en vijfde eeuw zijn bekend geweest; ccnigc gc-