Druckschrift 
1 (1911)
Entstehung
Seite
50
Einzelbild herunterladen
 

5°

MARIA LOUISE VAN HESSEN-KASSEL

aHe partijen gelijkelijk goedgekeurd. Maar de invloed, dienFrankrijk reeds zoo dikwijls in ons Gemeenebest had doengelden, was ook nu groot. Reeds sinds lang had de staats-gezinde partij tegen het stadhouderlijk gezag steun gezochtin Frankrijk, en de gezant van dat Rijk, d'AHry, wist erpartij van te trekken om de anti-stadhouderlijken een werk-tuig te maken van Fransche politiek, om door hun over-wicht de Republiek te bewegen, zoo al niet tot aansluitingbij Frankrijk, dan toch tot onzijdigheid, eene onzijdigheid,die bijkans openbare vijandschap werd tegen Engeland.Niet alleen werden geene troepen geworven, geene schepenuitgerust om Engeland te hulp te komen, maar als om strijdverscheepte men ammunitie en mondbehoeften naar Franschehavens. Het was ons behoud, dat Engeland eene vredebreukontweek, ofschoon de verschuldigde hulptroepen uitbleven,terwijl zijn vijand van terzijde overvloedige ondersteuningontving, en zich vergenoegde ons den handel in oorlogs-materieel met Frankrijk zoo veel mogelijk te beletten. Delankmoedigheid van het Engelsche hof sproot voort uit dejuiste waarneming van het feit, dat de machtige staatsge-zinde partij in de Republiek slechts naar de gelegenheiduitzag om zich, ten verderve van het stadhouderlijk Huisen tot nadeel van Groot-Brittannië, in de armen van Frank-rijk te werpen. Want de welwillendheid aan Frankrijk be-toond, was de uiting van den toenemenden haat en argwaantegen de gouvernante, de Engelsche prinses.

Het zoude zeker niet bevreemdend zijn geweest, indienAnna van Hannover, zoo al niet op een krachtdadig partij