IgO AMAUA VAN SOLMS EN MARIA STUART.
„vermaande" hem — het woord komt in de ofhcieeie kennis-geving voor — dadeiijk en op staanden voet een huwelijkaan te gaan met de gravin Amaiia van Solms-Braunfeis,zijne verre nicht, een achterkleindochter van Juliana vanStolberg, die toen in het gevolg der koningin van Bohemente 's-Gravenhage vertoefde. Slechts met moeite werd FrederikHendrik er toe gebracht om aan de begeerte van zijnenstervenden broeder te voldoen; en toen hij eenmaal zijnwoord gegeven had, werd het huwelijk met zonderlinge,bijkans wrevelige overhaasting voltrokken. De Staten vanHolland verleenden, om de zaak te bespoedigen, aan deondertrouwden ontslag van de vereischte huwelijksgeboden.Den April 1625, veertien dagen, nadat Frederik Hendrikdoor zijnen broeder uit het leger ontboden was, werd hethuwelijk te 's-Gravenhage in de Kloosterkerk voltrokken;acht dagen later was de bruidegom reeds weder in hetleger terug. Weinig goeds liet zich van dit gedwongenhuwelijk voorspellen, en toch is het zeer innig en zeergelukkig geweest.
De vrouw, met wie Frederik Hendrik dus als zijns on-danks in den echt verbonden werd, de dochter uit een oudadellijk maar verarmd geslacht, de hofdame eener koninginin ballingschap, die haren bruidegom geen anderen bruid-schat medebracht dan hare destijds hooggeroemde schoon-heid, haren schranderen geest, haren vorstelijken zin, haarher gemoed, toen nog niet ontsierd door de trekken vanlaatdunkende hooghartigheid, waarvan het later niet vrijzoude blijken, was ongeveer drie en twintig jaren oud.