Druckschrift 
2 (1911)
Entstehung
Seite
126
Einzelbild herunterladen
 

LOUISE DE COUGNY.

I2Ó

trachtte Louise de famiiie van den veroordeelde te bewe-gen die uit zijnen naam te vragen; deze stond pai in haartrotsch vasthouden aan de onschuid van haar hoofd; iieverdan genade te vragen, iiet men het recht zijnen ioop nemen.En het nam zijnen loop. Laat in den nacht van den 12^"Mei 1619 vernam de prinses van Oranje, die nog altijdhoopte, dat Maurits ter elfder ure pardon zou verleenen,dat het vonnis in den vroegen morgenstond zoude wordenvoltrokken. Zij snelde naar het Stadhouderlijk Kwartier,om zelve nog een beroep te doen op haren zoon, die wel inzijn recht was, zoo hij doortastte, maar die daarmede oudeverplichtingen verloochende. Tevergeefs echter deed zij tottweemalen toe gehoor verzoeken. Zij werd niet toegelatenen het hoofd van den ouden staatsman viel.

Maar nu was voor de prinses van Oranje in Hollandgeen blijven meer. Hier had ze gehoopt die geestelijkevrijheid te vinden, die erkenning der rechten van anders-denkenden, waarvoor haar vader gestreden had, maar waar-voor deze in Frankrijk noch den tijd noch het volk rijp hadbevonden; en nu zij die denkbeelden ook in haar tweedevaderland niet verwezenlijkt zag, was het haar alsof daarmedede band verbroken was, die haar aan het volk van harenechtgenoot had gehecht. Door zwakte en lichaamslijdenwerd haar vertrek nog eenigen tijd vertraagd; maar zoospoedig het mogelijk was, in April 1620, reisde zij af, opharen doortocht te Delft nog in hare koets met slijken steenen geworpen door het opgeruide gemeen, dathaar om haar optreden in het belang van Oldenbarne-