Druckschrift 
2 (1911)
Entstehung
Seite
4
Einzelbild herunterladen
 

^ JULIANA VAN STOLBERG.

den stoet van gewapende volgelingen, waarmede de Duitscheedellieden zich op weg begaven, om te waken voor hunnepersoonlijke veiligheid, die steeds bedreigd werd door oudeveeten en onderlingen strijd, of om hunne waardigheid opte houden zoo dikwijls zij ten Rijksdag opkwamen; hetkasteel van een bevriend vorst was dus de plaats, waarmen ten allen tijde op eene gulle ontvangst meende temogen rekenen. Herhaaldelijk ook was Juliana de onver-moeide gastvrouw van eenige honderden gasten bij diegroote samenkomsten van familieleden en bloedverwantentot in den versten graad, die bij huwelijksplechtigheden en,vóór de Reformatie, vooral bij begrafenissen werden ge-houden en dan dagen aaneen plachten te duren.

Maar ook nog in eene andere aangelegenheid stond zijharen gemaal trouw ter zijde. Het was in haren meisjestijdgeweest, dat Luthers wekstem opnieuw de aandacht vestigdeop de groote waarheid, dat de zaligheid niet is uit dewerken maar uit het geloof. In den kring van Juliana'sbroeders en zusters had die opwekking eenen zeer ontvanke-lijken bodem gevonden en niet het minst in haar vroomgemoed, dat zich zonder eenigen inwendigen strijd begrippeneigen maakte, die haar in haren oprechten eenvoud zoonatuurlijk schenen. Ook graaf Willem van Nassau was eenaanhanger van Luthers leer. De verkoop van aflaatbrievenwerd reeds vroeg, reeds in 1517, door hem in zijne landenverboden, een moedig stuk in die dagen; en trots deklimmende zorgen voor zijn talrijk gezin weigerde hij, deman wiens groote gaven en verdiensten door die van