behaagde denzclvcn te verplaatsen , heeft hij aldaar ccncnanderen aangesteld, namelijk Evodius, gelijk Euse-bins getuigt.
Dat Petrus te ^/?:Z:ocA:ê het eerst ccncnZen seZeZ gevestigd heeft, zooals Baronius ;ich nitdrukt,tracht A. d. D. in het belagchclijkc te trekken. Schoonnn wel, wat den naam betreft , in dien tijd wel juist aangeen' /WriarcAaZen zeZeZ zal gedacht zijn, is het evenwelzeker, dat hij , wat magt en waardigheid betreft , bovenandere zetels voorrang genoot ; weshalve men met regt kanzeggen, dat Petrus te eenen
seZeJ vestigde, voor zooverre Petrus wilde, dat hij onderde Oostersche kerken den voorrang genieten zoude.
---
VII.
rVo. 27.
In No. 27 laat onze tegenstrever het kort begrip zijnerredeneringen of liever zijner sophisterijën volgen , — datnamelijkPctrus voor het Jeruzalemsche Concilie y?/rZectniet verlaten heeft, hetgeen hij voor volkomen bewezenhoudt, en toch , gelijk wij in het eerste hoofddcel hebbenaangetoond , volstrekte onwaarheid is. Hoóren wij H i c-ronymus, — volgens hem begon Petrus zelfs voor hethet 2e j. van Claudius, het 42e v. Chr., A*OM?MS, Ca-Za/ië, Co^vpHtZoeZë en A*;74ynië te doorkruisen en den Jo-den, die zich in die streken ophielden, te prediken, terwijlhij , het 2e j. van Claudius, naar Af ome vertrok. Daarhij derhalve zijnen zetel te ^AnZ:'oc7^'ë , in den jare 37 naChr., het laatste van Tiberius vestigde, heeft hij aldientusschentijd, dat is, ongeveer 4 jaren doorgebragt omte dienste der bekeerde Joden in die provinciën kerkenop te rigtcn'cn te vesligen, en wel dermate, dat hij vantijd tot tijd , nu ccns zijne Antioclticrs , dan eens de ge-