delen meer bij dag, dan bij nacht, en verlangen voorhunne intrede klinkende munt.
Een zoodanig spook verscheen onlangs tebij LESKE en ging ook te bij MEIJER
uit, op zijn voorhoofd staat de naain van EHENDORF.Het spookte in alle Duitsche en Nederlandsche boek-winkels en brulde vuurspuwend tegen den Paus van.#07Ke , zoodat men gelooven zou, dat de St. Pieters-kerk sidderen en beven moest, wegens het verschrik-kelijk gebrul; met zijne hoornen wil het zelfs de oudesteenrots omverwerpen.
EnENDORF praalt met den naam vanmaar hij heeft geen Catholijk haar op zijn hoofd, al-les heeft hij van een zeker genootschap geleend, totzelfs de tanden, waarmede hij bijten wil. Men zegt,dat eenige van deze tanden met gouddraad ingezetzijn. Het spook, waarmede hij ons wil bangmakenis eene verrimpelde mumie uit de 14e of 16e eeuw,welke hij met eenen langen sleep van verlegen Ber-lijner stof nieuw bekleedt. Hij snoeft wel is waarop een uitvindings patent, hetwelk, naar hij zegt, methet groote zegel van de protesterende akademie voorzienzoude zijn, en hij beschuldigt de aanhangers der Ca-tholijke kerk, in betrekking tot de hoogstgewigtigevraag : .#07Me, en J?oo?wscAe
g'ewees^ zs, van eene oppervlakkigheid, ligtvaardig-heid en een zoo onwetenschappelijk drijven, dat menzich schamen moet, haar gezwets, zoovele jaren voorgezag te hebben aangenomen (1). Maar wij Roomschoexorcisten, die toch voorzeker niet tot de aanzienlij kste
(i) ^ voorrede^
1