Druckschrift 
Het geslacht van Waesberghe : eene bijdrage tot de geschiedenis der Boekdrukkunst en Boekhandel in Nederland
Seite
202
Einzelbild herunterladen
 

202

Regenten in Rotterdam, niet dat onstuimig rumoer veroorzaakte, het-welk zij in Amsterdam verwekte.

Toen deze beweging gaande raakte, deed de regering de goedeburgerij bij eene Publicatie bekendmaken, dat ter Vergadering vanhaar Ed. Groot Mogenden, op bet voorstel van Zijne Doorl. Hoog-heid den Heere Prince van Oranje en Nassau, onzen Erf-Stadhouder,de zaakconcernerende de afschaffing van de Pachten," zoo ver isgebragt, dat op heden 26 Junij 1748dezelve favorabel zalworden geconcludeert." Tevens het gedrag harer burgeren prijzende,welke zich, in deze omstandigheid, boven die van andere steden,als goede en getrouwe ingezetenen hebben onderscheiden.

De Pachten afgeschaft zijnde, volgde er eene aankondiging, waarbijHeeren Burgemeesteren kennis gaven, dat op Woensdag den 14Augustus 1748, des morgens van negen tot twaalf ure, en vervol-gens al de dagen der week uitgezonderd Zaturdag en Zondaggevaceerd zoude worden ten kantore van de buitengewone Verpon-ding, tot de ontvangst van de penningen, welke eenieder, ingevolgede ernstige vermaningen en bevelen, vervat in de Publicatie doorhaar Ed. Groot Mogenden, met overleg en volgens den voorslagvan Zijne Hoogheid den Heere Prince van Oranje en Nassau, onzenErf-Stadhouder, op den 26 Julij laatstleden bepaald en aangeplakt,zal komen bij te dragen, op rekening van den Tax, waarop eeniegelijk, in plaats van de afgeschafte pachten, overeenkomstig devoorzegde Publicatie zal worden gesteld, en welke advertentie, ge-dagteekend van 10 Augustus 1748, te vinden is in dealoudebewaarde stukken" van onzen stads-drukker.

Hierop volgt de wijze van taxatie, nadere waarschuwing, qualih-catie voor de wijkmeesters en inlichtingen voor de goede ingezetenen.Voorts eene copie der gedrukte advertentiën voor degenen, die meen-den te moeten doleren over hunnen aanslag, met aangifte van dentijd en de plaatsen, waar Ileeren Commissarissen ter doleantie daartoezouden vaceren. En eindelijk een Formulier der Lijst, geschikt totde opgave der doleantiën.

Tot de verandering der Regering binnen onze stad, welke, vol-gens verklaring van Z. Hoogheid de Stadhouder, geschiedde wegensde diihdentie tussclien de Regenten en ingezetenen dezer stad ont-staan , werden in October 1748 als Commissarissen van Zijne Hoog-heid voor Rotterdam, Frederik Hendrik Baron van Wassenaar, Heervan de beide Katwijken en 't Zant, Heemraad van Rijnland enz., enWillem Paauw, Raad in den Hoogen Raad in Holland, afgevaardigd.Deze Heeren namen zitting in het Gemeenelandshuis van Schieland,om aldaar te hooren en te onderzoeken de klagten, die burgers dezerstad konden of begeerden tegen haar Regeerders in te brengen.Zeer weinige ingezetenen verschenen: in mijne aanteekeningen wor-den slechts drie namen genoemd. Daarop namen genoemde HeerenCommissarissen zitting op het Raadhuis der stad, ten einde aldaarden Heeren Vroedschappen, in naam van Zijne Hoogheid benoemd,den behoorlijken eed af te nemen, gelijk geschiedde.

Na met weinige bijzonderheden dit aangeteekend te hebben, maakt