Druckschrift 
1 (1718)
Entstehung
Seite
74
Einzelbild herunterladen
 

Schouburgh der74en wie weet wat dienst hy al meer aan de konstzoude gedaan hebben, zoo zyne levenszon in volleluister niet waar benevelt geworden, door eenonvermydelyke duistere wolk van 't nootloot; hetwelk ons leert, datAl wat geboren is, eens moet het leven derven.Een jaar twee of drie voor zyn dood, kreeg hyeen beving, op de wyze van een beroertheyt, inzyn handen; waarom hy het groot werk moestaflaten. Doch hy schilderde egter kleine stukjes,meest Landschappen, op den Ezel, daar hy demaalstok meer tot zyn gebruik konde nemen.Hy is overleden te Antwerpen, op den 30 vanBloeimaand, in het jaar 1640. en begraven meteen aanzienlyke en pragtige Lykstatie; want voorhet Lyk ging 'er een, dragende een swart Fluwelekussen, en daar op een vergulde kroon, en agterhet Lyk volgde een grooten sleep van de aanzie-nelykste, zoo Geestelyke, als Waereldlyke Hee-ren, en Konstenaren. Het lyk werd geleid in St.Jans Kerk, daar zyn Grafstee noch te zien is.Hy liet een Dochter na, en een zoon, sommi-ge zeggen twee zoonen uit zyn laatste huwelyk,de oudste ALBERTUS genaamt, is Secretaris, ofGeheimschryver der Staten van Vlaanderen gweest.Wy hebben zyn waare beeltenis gevolgt naar debeste afschetzing boven aangeplaatst, in de PLAATD, op dat de Konstschilders zyn prysselyk gedrag,omtrent de jonge konstoeffenaars, en yver tot denopbouw van de Konst, daar by gedenken zouden,en zoo veel heuglyker zig ten spiegel voorstellen.Beleeft zyn, en geneigt tot elks dienst, doet eenman geacht wezen, en zet zyn konst luister by.'tKan