WILHELMINA VAN PRUISEN.
164
„Welke veranderingen in zoo weinige jaren," placht zijte herhalen bij het terugzien op zooveel leed, zooveelteleurstelling, zooveel wonderbare uitkomsten en heerlijkeuitredding; en bedenkende hoe weinig menschelijke wijs-heid, menschelijke berekening en menschelijk handelen hadvermocht om dezen omkeer te bewerken, zeide zij het metdiepen ernst den ziener-dichter na:
Wat verschijne,
Wat verdwijne,
't Hangt aan een los geval.