68 WILHELMINA VAN PRUISEN.
van hooren zeggen. Achter de achtte men zich
veilig en onaantastbaar ais achter eenen Chineeschen muur. iDie welvaart, die algemeene rijkdom, die afwezigheid vanarmoede, in die afzichteiijke gedaante althans, waarin zij zichin naburige rijken vertoonde, moet voor de jonge Pruisischeprinses een wonderlijk schouwspel zijn geweest. Maarwaarschijnlijk was zij, trots hare groote intellectueele ont-wikkeling, nog te veel kind, zij was eerst 16 jaren oudtoen zij huwde, om oog te hebben voor verschil van socialetoestanden. Het was niet meer dan natuurlijk, dat zij eronbezorgd van genoot, dat het tegenwoordige oogenblikhaar toelachte, dat de onmiskenbare populariteit, die harenechtgenoot gedurende de eerste jaren van diens bestuur tebeurt viel, afstraalde op haar. Elizabeth Wolff was de tolkvan velen, toen zij den prins in 1773 bij diens bezoek aande Beemster toezong:
eens zal een billijk nageslachtU onderscheiden met den eernaam van DE GOEDE;
en de prinses met gloeiende verzen huldigde in de opdrachtvan het gedicht fU(1769), terwijl zij deze in Aa/aarfs syw ZaMgyoalfM (1784) noemde:
een braave
Uitmuntende Vorstinne,
Het waardig, dierbaar voorwerpVan aller braaven agting,
De roem van hare Sexe . . .
') W. J. Kops. Uit grootvaders tijd. Nieuws v. d. Dag. Maart 1898.