Druckschrift 
1 (1911)
Entstehung
Seite
65
Einzelbild herunterladen
 

WILHELMINA VAN PRUISEN.

65

verbintenis, zelfs voor eene koninklijke Pruisische prinses.Sedert het stadhouderlijk gezag in de Republiek erfelijkwas verklaard, had de staatsinrichting zich daar krachtigin monarchalen zin ontwikkeld. ^ Prins Willem V, die,toen hij aanzoek deed om prinses Wilhelmina's hand,sedert een jaar het stadhouderschap had aanvaard, was inwerkelijkheid het illustre hoofd, de beheerscher van hetsaamgestelde, ingewikkelde staatswezen van het gemeene-best. In proza en dichtmaat, op penningen en medailles,op steen en metaal werd hij toegesproken alsonze teer-geliefde vorst". In aanzien was hij menigen koning gelijk,ook in de praal, die hij in zijne hofhouding ten toon spreidde;want dank aan het financieel beleid, eerst van Anna vanHannover, daarna van den raadpensionaris Steyn, warenzijne particuliere geldelijke aangelegenheden uitstekend ge-regeld; door aankoop tijdens zijne minderjarigheid was hijweder eigenaar geworden van alle in Holland gelegengoederen, die uit de nalatenschap van Willem III inPruisische handen waren overgegaan; als bezitter van nage-noeg alle oude Nassausche erfgoederen uit de Ottonischelijn, bekleedde hij als Duitsch Rijkvorst eene positie vanbeteekenis. De prachtlievende, kunstminnende jonge stad-houder voerde dan ook eenen staat ver boven dien,welken de toelagen door de Staten verstrekt, alleen, moge-lijk zouden hebben gemaakt. Als de echtgenoote van prinsWillem V zoude prinses Wilhelmina in het nog altijd

') Prof. P. J. Blok. Gesch. v. h. Nederlandsche Volk. VI. pag. 243.

5