104
LOUISE DE COLIGNY.
„de graaf van Bentheim elcx door een soonken van„Bentheim aan tafel werden gedient."
Met een dankbaar hart was Louise getuige van dezenzegetocht, die haar toonde, hoe nabij de verlossing thansgekomen was van het land, dat haren onvergeteiijken echt-genoot zoo dierbaar was geweest en dat zij na diens doodden ondergang nabij had gezien. Opgewekt en gelukkiggestemd trok zij met Frederik Hendrik en CharlotteBrabantine Frankrijk binnen. Ook daar scheen een schoonetoekomst te dagen, nu door de vrede van Vervins de oorlogmet Spanje geëindigd was en de binnenlandsche tweespaltbijgelegd door de afkondiging van het edict van Nantes,waarvan zij op dat tijdstip noch het ontoereikende voorhet tegenwoordige, noch de bloedige herroeping in de toe-komst kon voorzien. Zij vertoefde thans, na het huwelijkharer stiefdochter, meest te Parijs aan het hof, in innigverkeer met Catharina van Bourbon en ook op goedenvoet met Maria de Medicis. Hare correspondentie, om dezentijd begonnen en tot aan haren dood voortgezet met CharlotteBrabantine, thans hertogin de la Trémoille, ook haar deliefste der zusters om haren zachten, vriendelijken aard,vormt den hoofdinhoud der verzameling harer brieven, diedoor Paul Marchegay is bijeen gebracht-) en waarvan hetbestek dezer schets, jammer genoeg, niet gedoogt uitvoerigeuittreksels mede te deelen. Hofnieuwtjes, beschouwingen
') Lodewijk Mulder. Emilia van Nassau. Gids 1893 III pag. 193.
°) Correspondance de Louise de Coligny, Princesse d'Orange.Recueillie par Paul Marchegay, publiëe par Leon Marlet 1887.
t