Druckschrift 
1 (1900) (1093 - 1900)
Entstehung
Seite
152
Einzelbild herunterladen
 

152

Y. GERRIT YAN LENNEP bastaard, geb. ± 1490, ob. 1557/60 waarschijnlijk Arnhem, tr. 1524 BATHAGEERLiCHS. Zij sterft na 1560, wonen te Arnhem bij de Yelperpoort. (zie pg. 132).

Bewijs van staat: de op pg. 132 aangegeven akten in verband met n de voornamen zijner kinderen, welkeidentisch zijn met die van zijn vader, moeder, broeder en grootvader -van moederszijde (overgrootvader van vaderszijde).5 zijn woonplaats te Arnhem, waar zijn vader woonde en destijds geen andere leden van het geslacht, voorzooverre be-kend. c de bevestigende genealogie VAN SpAEN, een en ander in verband met het volgende:

.BnstmMY?, (akte n° 85. vgl. n°s 103, 701, 740a). Dit bastaardschap zoude GERUIT zijn rang niet hebben doenverliezen (ut supra) maarhij hield hem niet en ridderlick", blijkende uit: 1" ?;Aoe/k?ig?: ra?: gg?: ?M?'b:y;dat hyt

in den lande van Hollant drieerhande manieren van State van wairlycken luyden waren, te weten ridderscip, waelge-boren luyden ende huysluyden. Ende dat ridderscip waren waelgeboren luyden van edelen oorsprong nedergecoulen,ende die hem ridderlyck hielden zonder ambacht of lantneeringen te doen. Yoort, dat waelgeboren luyden warendiegeene, die uit edele stamme nedergecomen waren, maar hem niet ridderlick en hielden ende hun setten tot

ambochten o 8' tot lantneringhe o ft anders. Ende die huysluyden, dat waaren diegeene, die hun tot ambachten of

lantneringe setteden, ende die van geenen waelgeboren luyden nedergecomen en waeren;" aldus een memorie vanden Procureur Generaal bij het Hof van Holland dd. 1467, welke tevens verklaarde, dat honderden leden derrid-derscip" hun setten tot ambochten. (Inleiding Holl. Rechtsgel. van Huoo DE GnooT, met aant. van Mr. S. J. FocKEMAANDREAE II. 44.)

2° Z(/?: te H?v:Aemzoo de welgeboren poorters wilden zij hun poortrecht behouden voor de

Stedelijke Schepenbank recht moesten geven en nemen is dit alleen hieraan toe te schrijven, dat hun poorterschap meerwoog dan hun welborenschap. (Ibid. II. 48. Ygl. n° 77.)

Dat GERRiT VAN LENNEP geen gewone huisman was, meen ik te mogen afleiden uit het volgende : 1° was hij

burger van Arnhem (akte 95), iets was bastaarden niet konden zijn, (G. VAN HASSELT. Arnh. Oudh. Dl. III. p. 233), en

hetwelk alzoo een bepaald exceptie was. 2° werd in een onverschillige akte achter zijn naambastaard" geschreven,(vgl. akte 103), zoodat hij als zoodanig bekend moet zijn geweest; en waar slechts speelkinderen van graven ofte vrijheerenvoor edelluyden werden erkent (DE GROOT I. 24/25), bestond voor hen juist aanleiding zich het bastaardschap minder teschamen en als zoodanig bekend te zijn, ook al was zooals bij GERRiT het geval was hun poorterschap hun meerwegende dan hun welborenschap, en ook al hielden zij zich evenals GERRiT niet ridderlick. 3" verkeerden zijnzoon WARNER, zijn dochter TnoNYSKEN en zijn kleinzoon ABRAHAM blijkens hun huwelijk in aanzienlijke kringen.

Ik ging hierbij van het standpunt uit, dat de identiteit van den GERRiT VAN LENNEP, die in akte 181 genoemdwordt en op 't gericht van Heerde verschijnt in 1534/35 met onzen stamvader, niet vaststaat. Indien men naar demethode door VAN SpAEN veelal gevolgd en in casu naar 't schijnt toegepast, de identiteit, op den naam en de waarschijn-lijkheid afgaande aanneemt, is alle verdere bewijsvoering voor GERRiTS welborenschap volkomen overbodig.

Nog mag gewezen worden op akten 101 en 251, waaruit eenige relatie tusschen GERRiTS nakomelingen en hetgeslacht VAN McYi.icxoM blijkt, en op de eigenaardigheid, dat de vrome doopsgezinde JACOB VAN LENNEP in 1699 zijngenealogie (n° 2) begint met de woordenGeslaghtboom van m(/?: familie VAN LENNEP", waarop dan onmiddelijk volgtGERARD VAN LENNEP getrouwd met BAEFJE GERLOFs" een aanwijzing, dat JACOB afwist van het bastaardschap van zijnoudovergrootvader.

Yan Mr AxTHONiE VAN LENNEP, GERRiTS oudsten zoon, diens vrouw en kinderen zijn vele akten bewaard gebleven.Hij bleef catholiek. In akte 137 staat dat hij broeders en zusters had. Wij kennen hiervan onze voorvader WARNER,waarschijnlijk JAN (n° 97), GEERTRUYD, getrouwd met JACOB WASMAN en THONYSKEN getrouwd met DiRCK HEYMERiCK,welke laatsten na hunner ouders dood in het huis bij de Yelperpoort gingen wonen.

Uit akten 117, 118, 128, 129, 137 volgt, dat DiRCK HEYMERiCK en THONYSKEN VAN LENNEP tot kinderen haddenwaarschijnlijk THOENis HEYMERiCK getrouwd met SwEERTGEN DoGEWEERT en tot kleinkinderen ToENis en WARNER. THOENisen SwEERTGEN woonden na hun ouders in het grootvaderlijk huis aan de Yelperpoort. Deze constructie brengt mede, datABRAHAM VAN LENNEP een volle neef was van THOENis en mitsdien zijnbloitzvrundt" (118) ennatuerlicke mombar" (128).WARNER HEYMERiCK kan peetekind van zijn oom WARNER VAN LENNEP zijn geweest. Deze akten bevestigen mede langsanderen weg de afstamming van ABRAHAM VAN LENNEP van zijn grootvader GERRiT op niet onaardige wijze.

YI. MEESTER WARNER YAN LENNEP, (p. 133) geb. Arnhem + 1530, goudsmid te Arnhem, later teEmmerik, ob. waarsch. te Emmerik tusschen 30 Sept. 1578 en 26 Maartl584, tr. vóórofinl564MECiiTELTDoEGHWEERDT,heer JoHANS en HEiLTGEN TEN HAEFF dr. Zij ob. na 6 Sept. 1605. Bewijs van staat: n°s 95, 98,101, 280 " ^307309.

Zij wonen te Arnhem, later in de Steenstraat te Emmerik. Opmerking verdient, dat WARNER in 280 " ^''heer"wordt genoemd. De attestatie of geboorte akte n° 95 kan samenhangen met een door WARNER elders en dus bv. teEmmerik te sluiten huwelijk.