103
melding maakt. Im gevolge Tam dezelve , ontstond maarzijn verhaal verschrikking onder de oproerige Romeinschosoldaten im -PnnoMr'ê'.
Wij hebben alzoo de tijdstippen aangewezen der Romein-schc Keizers, em nel als volgt; Tiberius vangt de re-gering aan im den jaro 14; Cajus im het 36; Claudiusim 41; Nero im 54.
Hetgeen tot het Lijdens- em geboortejaar des Verlossers be-hoort , hebben wij naarstig in onze opmerkingen over E p i p h a-nin s aangeteekend. Kortheidshalve zullen wij hier het kortbegrip van s'mans gevoelen en van eenige andere mededeelen.
Epiphanins stelt het lijdcnsjaar onder het Consulaatvan Tiberius Y. en Scianus, dat is: j.d. s. 784;
tijdr. 76. Het eerste jaar staat gelijk
met het jaar der st. 709, zoodat met het cindo van het 45yi;77. in de maand ^eeemóer overeenstemt het beginder jP:oMys:*a%?McAe tijdrekening, en het eerstvolgendejaar op dit begin; is het 46 van de y:;77acnMcAe. Ditzelf-de jaar is het tweede van do 202o OJywpfntfe, het jaarvan des Verlossers lijden, terwijl, gedurende het derdederzelfde ^7ywzp:*en7e, de zonnestilstand (so7s7777!Wz) om-streeks den zomer volgde. Het achttiende regeringsjaarvan Tiberius begon ditzelfde jaar in de maandt?;s. — Eenige schrijvers tellen echter de jaren van Ti-berius en van andere Keizers, niet van het eigenlijk be-gin; maar van den aanvang van het burgerlijk jaar, dathunne regering voorafging. Op deze wijze, hebben Epi-phanius en anderen, die het 18o jaar van Tiberiusals hetlijdensjaaropgeven, dat het 18e genoemd, toenhet zeventiende ophield en het 18o begon. Nu dit jaar ishet 76e van j7?;7.31 v. Chr. gelijk wij zoo even dedenzien door de 13e maancyclus. — Dat echter het lijdensjaar,