33
p. XIII, te regt aanmerkt, dat reeds in het tijdperk, waarin wij deElseviers, dns ook de Van Waesberghe's, zien optreden, een grootdeel der boekverkoopers geene eigen drukpers hadden, en vele voor ^hunne rekening en onder hunnen naam lieten drukken.
Men onderscheidde toen ter tijd de woorden en AiMkyjoJMwa,
met het eerste den verkoop van gebonden boeken — in eenen winkel —met het andere den verkoop der boeken in bladen — in een magazijn —aanduidende. Vele hadden eene afgescheiden van hun AiM:-
libris in compactis, waarbij zij nog veelmalen eene binderij
hielden.
De Magistraat verleende de concessiën en bepaalde voorts allesnaar de wetten van het boekverkoopers-gilde, zijnde er bepaalde ver-gunningen van noode, opdat men drukken, binden, gebonden boekenof ongebonden verkoopen mogt; al hetwelk niet altijd aan één persoonof ëéne firma toegestaan werd, en hetgeen in de verleende vergun-ningen, onder het bedreigen van te verbeuren boeten, bepaaldelijkuitgedrukt werd.
De uitdrukking dat is: eigenlijk: &
, is voor den Heer Pieters , t. a. p. bl. XIV, het
eenige vaste bewijs, dat zoodanig iemand zijne eigen drukkerij had.
Dat de Van Waesberghe's eerst te Antwerpen, daarna te Rotterdamdrukkers en boekverkoopers tevens waren, is buiten kijf; de over-levering en de geschiedenis melden het ons. Hunne betrekking alsstadsdrukkers te Rotterdam, dat in vroegeren tijd meer dan thanszal beteekend hebben, toont het ons. Het voorkomen van: A/lgprMti5y',- — MMprMM enz., op meerdere hunner werkente lezen, bevestigt het ons.
Men is vroeger wel eens genegen geweest, zonder genoegzamengrond, aan de pers van de bekende drukkers het drukken vooranderen te veel toe te schrijven.
Zoo heeft Brunet (1) van de uitgaven der werken van AbrahamWolfgang, die men vroeger allen uit de pers der Elseviers voort-gekomen waande, aangetoond, dat die met de spreuk „ Quaerendo, et„ plusieurs fleurons remarquables, qui offrent des renards, des oiseaux,„et d'autres animaux," uit eene eigen drukkerij van Wolfgang ofWolfganck hunnen oorsprong ontleenden. Dit „ Quaerendo" haddende Elseviers nooit als insigne gebezigd.
Wolfgang noemt zichzelf voor eene uitgave van P. Oorneille alsdrukker, en men treft den naam van Wolfgang niet aan in „lepetit catalogue des livres de fonds de D. Elsevier, daté de 1675,"waar andere namen gevonden worden.
Wolfganck bleek dus niet te zijn „ un étre imaginaire , sous lenom duquel se sont cacliës les Elseviers, comme on parait générale-ment le penser (2)." Brunet schrijft evenwel in de uitgave van
()) Jacques Charics Brunet. Manucl Ju titjrairc, etc., 5e ed. Paris 18G0 — C5,Tomc V, c. 1777.
(2) Brunet. I. c. 3" éd. Bruxcitcs 1821. Tom. H, c. 190. In de 3e éd. Tom. II),e. 199 is deze opmerking door Brunet achterwegen gelaten.
3