Druckschrift 
Het geslacht van Waesberghe : eene bijdrage tot de geschiedenis der Boekdrukkunst en Boekhandel in Nederland
Einzelbild herunterladen
 

De wandelaar, die liet woelige Rotterdam doorkruist, en de altooszicli hernieuwende, altoos zich vergrootende stad aanschouwt, wijdtzijnen blik aan al dat nieuwe, aan al dat zich uitbreidende, maardenkt noode aan het voorbijgegane.

Er is welligt geene stad in de Nederlanden, waar men minder aanhet verleden herinnerd wordt, dan in Rottes vesten. Wie denkt daar,hij zoo veel, dat zijne aandacht boeit, aan de plaats, waar eenmaal's Graven herberg, het huis de Spiegel, het Hof der Heeren vanKralingen, of 's Keizerstoren stond? Wie toont ons daar, waarJonker Frans zijn zevenmaandsch verblijf hield, of waar PrinsWillem I ziek lag en de afgevaardigden van het benarde Leidenontving? Wie wijst ons daar de woningen aan van eenen Joan,van eenen Elias van Oldenbarneveld, van eenen Hugo en van eenenPieter de Groot?

De muren der stad zijn afgebroken, hare torens zijn geslecht, harepoorten gesloopt, hare vesten gedempt; niet één oud gebouw degroote St. Laurens kerk en de St. Sebastiaans kapel aan de Meent,nu het zoogenaamde Schotsche kerkje, die heiden evenwel op geenenlioogen ouderdom hogen kunnen, uitgezonderd kan den oudheids-zoeker aangewezen worden: misschien een enkele steen, een enkelopschrift.

Rest er dan niets van de oudheden eener stad, die hare privilegiënaireede in 1270 zoude ontvangen hebben; niets van de vele ge-slachten , die daar bloeiden, woonden, en tot hare toenemende groot-heid het hunne toebragten? Van deze zullen dan toch wel nanevenin aanwezen zijn, die over hare geschiedenis, uit familie-aanteekeningen,