VERBEURDVERKLARING — VLAANDEREN 633
Porete verbranden en bedreigt haar met strenge straffen, indien zij verder haredolingen verbreidt, 156, 159; — een stoute predikheer, die met 90 LuikscheGeeselaars naar Doornik was afgezakt en er een kettersch sermoen liad geliouden,doet hetzelfde te Valencijn en op andere plaatsen (1319), 192; — uit Valencijnkomen ongeveer 450 Geeselaars naar Doornik afgezakt (1349), 193 ; — de hoofd-man der ketters van Dowaai is van Valencijn (14*21), 300, 302; — JohannadeMons, door den Kamerijkschen bisschop Jan en den inquisiteur Simon de Landealdaar vervolgd, hangt zieh op en wordt in ongewijde aarde als ketterin begra-ven (14*30), 318 ; — geschil tusschen den magistraat en den bisschop van Kamerijkover de vervolgingen van twee verdachten (1447), 326; — de karmeliet HubertLeonardi predikt er verdachte Stellingen (1459), 342-345 ; — verdacht sermoenvan den minderbroeder Denijs Soncaine, die zijne Stellingen openbaar herroept(1463), 398-409.
Verbeurdverklaring {der goederen van de ketters), in 't Noorden van hetkoninkrijk Frankrijk (c. 1280), 113; — van de goederen der kettersche Beggar-den en Begijnen in de Duitsche landen door keizer Karel IV (1369), 218-221 ; —goedkeuring dezer keizerlijke regeling door paus Gregorius XI (1371), 221, 222 ;— tegenstand van den magistraat en beslissing van Philips van Bourgondie toRijsel (1417), 281, 282; — de verbeurdverklaring der goederen door paus Marti-nus IV op het algemeen concilie van Constanz uitgesproken (1418), 283, 286 ; —goederen niet verbeurd te Dowaai door toedoen van den magistraat (142D, 300,301 ; — insgelijks goederen niet verbeurd te Bergen (1430), 311; — beslissingvan Philips van Bourgondie om eene verbeurdverklaring te vernietigen te Rijsel(1430), 315-318 ; — moeilijkheden tusschen de geestelijke en de wereldlijke over-heid te Valencijn (1430), 318 ; — goederen verbeurd in de zaak der AtrechtscheWaldenzen (1460,1461), 351-354; — opheffing door Philips van Bourgondie van hetbeslag gelegd op de goederen van Jacob de Gommiel, eerst als ketter veroordeeld,daarna in zijne eer hersteld (1460), 365, 366 ; — verbeurdverklaring der goederenvan Atrechtsche Waldenzen (1460), 368, 370 ; — de goederen van den verbrandenketter Pieter du Carieulx te Atrecht ten bäte van den vorst tegen de vrijhedenvan 't graafschap Artois aangeslagen (1460), 379, 384 ; — beslissing aangaandehet niet aanslaan der goederen van de ketters te Rijsel met beroep op de beslis-sing van Philips van Bourgondie in 1430 (1477), 315, 316; — teruggave dergoederen van de Atrechtsche Waldenzen bij vonnis van het Parlement van Parijs(1491), 462-475; — verbeurdverklaring der goederen van Herman van Rijswijckte 's Gravenhage verbrand (1512), 502.
Vergengnon. Zie Johanna Griet.
Vertrijck (bij Leuven), verblijf van den ketter Judas gezegd Pelsken (1428), 307.
Veurne. Michiel Baiige wegens lastering van Maria aldaar gekastijd (1513), 510.
Victor Clementis, predikheer, vicaris van den pauselijken inquisiteur in't koninkrijk Frankrijk, spreekt te Doornik met den bisschop een vonnis uit,waarbij Jacob de Gommiel onplichtig aan ketterij verklaard wordt (1460),361-364.
Vincent Blahuer, voortvluchtige ketter uit het Rijselsche (1430), 313.
Vlaanderen {graafschap). Ketters door graaf Robrecht II vervolgd (1102), 14,15 ; — Tanchelm aldaar (begin der 12° eeuw), 26, 28, 29 ; — ketters (1157), 35 ; —ketters (1162), 37-39 ; — elf ketters uit Vlaanderen te Keulen verbrand (1163), 40^