WILHELMINA VAN PRUISEN.
143
om geen getuige te zijn van de verheffing van 's keizersbroeder tot koning van Holland, van de oprichting vanhet Rijnverbond, waarbij Napoleon ten bate van Muratover Nassau beschikte. Het verlies van dit oude erfgoed,sinds eeuwen in het bezit van zijn geslacht, zoude voorhem te zwaar zijn geweest.
Diep gevoelde Wilhelmina, thans prinses-douairière vanOranje, haar verlies. Zij achtte haar echtgenoot hoog omzijne rechtschapenheid, zijne eerlijkheid, zijne belangloos-heid en goede trouw, en bij de verdeeldheid tusschen denerfstadhouder en zijne zonen, waartoe de staatkundige ver-wikkelingen aanleiding gaven, had zij steeds er naar ge-streefd, door hare kinderen de vaderlijke autoriteit tedoen eerbiedigen. En bij haren weduwrouw voegden zichthans de snel opeenvolgende rampen, die het jaar 1806tot een der noodlottigste in Duitschlands geschiedenishebben gemaakt. In October van dat jaar werd Pruisen'slegermacht door Napoleon bij Auerstadt en Jena gebrokenen vernietigd. Spoedig daarop was de overwinnaar teBerlijn en schreef daar de wet voor aan Europa. In wildevlucht zwierven de gezinnen der Duitsche vorsten doorhet land, van het allernoodigste beroofd, niet wetend waarzich te verschuilen voor het dreigende gevaar van ge-vangenschap. Koningin Louise van Pruisen moest totKoningsbergen wijken, om, zelfs daar nog niet veilig,doodkrank, uren ver over het ijs naar Memel te wordengevoerd. Wilhelmina's zoon, thans prins van Oranje, zagzich zijn vorstendom Fulda niet alleen, maar alles wat hij