57
afie van sijn octroy, om in druck te laten uytgaen zeecker boucxken ,geintituleert: ^ ^ Mot'L gemaeckt by Frangois van
Lansbei'ge, geëxpireert in Augustns laestleden, is den suppliantsijn versoeck affgeslagen."
Yan dezen Jolian van Waesbei'gke is nog in zijn geslacht een12° boekje voorhanden, waarin hij zijne huwelijken, de geboorte-dagen zijner kinderen, met naauwkeurige vermelding van den standder zon en maan, tijdens hunne geboorte (1), alsmede de pillegiftendie zij ontvingen, aanteekende.
Jolian van den Yelde wijdt aan hem, als zijnde een zeer beroemdBoekdrukker en Boekverkooper, in zijn: „ Artihciosissimum Grannna-tices Speculum." Rotterdami Anno 1605, een blad schoonschrift toe.
De Heer J. T. Bodel-Nyenhuis doet ons — zoo als te voren doormij vermeld is — in zijne „ Liste alpliabet. de portraits d'imprimeurset' de libraires", p. 24 der IY° Liste (1848), eene afbeelding vanzijnen vader en médaillon kennen, die in 1590 aireede overleed. Ikheb wel eens getwijfeld of hier ook dwaling bestond, en dit portretniet van den vader, maar van den zoon zoude zijn. Het portretjekomt voor, zoo als ik aireede vermeldde, op den gegraveerden alge-meenen titel van de „Dict. Fran§ois-Flamen en van den Schat derDuitsche tale." Rotterdam Bylsaac van Waesbergc, 1624, 4°. Nu isde vraag, komt het ook voor in de uitgave van 1583 en 1618, dan ishet het portret van den vader. Later vond ik Isaüc als den zoonvan den geportretteerde vermeld; maar in de uitgave van 1636noemt Isaüc, sprekende van „feu rnon grand Père Jean Waesbergueen Anvers" zich zeiven „moy son Fils." Dit heldert dus niets op,en ik vereenig mij daarom gaarne met het gevoelen van den HeerBodel-Nyenhuis.
Jan van Waesberghe overleed te Rotterdam den 25 Mei 1626 enwerd aldaar begraven in de Groote kerk. Eene grafzerk, liggendevoor de 1°'° kapel, ter linkerzijde bij het inkomen der kerk door dedeur bij het kerke-kantoor, duidt zijne grafstede aan. Deze zerk,bezijden het gangpad liggende, is bijna ongeschonden gebleven. Hetwapen der Yan Waesberghe's, een gekroonde zwarte leeuw op eenwit veld, bezaaid met zeventien zwarte blokjes, tot cirnier een ge-kroonde leeuw, is daarop uitgehouwen. Boven het wapen leest men:N°. Jan van Waesberghe. 104.
Yoorts is lager nog in de zerk ingehouwen: „Hier leit begravenJan van Waesberghe out 70 jaeren. Sterf 25 Mey 1626."
Zijne Weduwe overleefde hem verscheidene jaren. Den 3 Mei 1644verkocht zij een huis aan de oostzijde van de Hoofdsteeg. ZieProtocol N*. 473.
(!) Eigenaardig zijn deze door Jan van Waesberghe te Rotterdam aangeteekendegchoortc-urcn van ecnige zijner kinderen. Dergelijke aanteekeningen getuigen , hoe menloen ter tijd in ons tand nog niet van abc vooroordeeten betreffende het getoof aan den invloedvan den stand der bcmel-ligehamen op de geboorte der kinderen vrij was. C. Meinersdee!t ons in zijn werk " !!istor. Verg!, der Sitten, und Vcrfassungen u. s. w. des Mit-tetalters, Itannovcr t794, 5 R. S. 520 en 596, een paar voorheetden mede van hethooge gewigt, dat men oudtijds aan dezen onzin hechtte.