206 AFBEELDING VANmarmer van Vespasiaen, en van Titus Room-sche Keiseren.VE.PVan S. Prisca. 28.Ier siet men een fontein, van Faunus ge-H seit, wien sy voor soon hielden van PicusKoning van Toskanen. De Heidenen versierden,dat de Faunen en Satirs Goden der bosschen, enbeemden waren; en dat dierhalven desen Aven-tinschen berg, om vol van boomen te wesen, deverblijf-plaets der selfder was; en dat de KoninkNuma Pompilius begeerig om te weten hoe inde lucht de blixemen en donderen geschiedden,met welke werenschap sy de Faunen en Satirs be-gast
—