Druckschrift 
3 (1906) 1236-1513
Entstehung
Seite
331
Einzelbild herunterladen
 

JACOB DE GOUTIERES — JACOB GENOIS 331

(1460), I, 361-364; — hertog Philips van Bourgondie herstelt hem in zijne eeren geeft hem zijnc aangeslagen goederen terug (23 Juni 1460), I, 364-366.

Jacob (Jacot) de Goutieres, voortvluchtige ketter uit het Rijselsche. HertogPhilips beveelt zijne aanhouding (11 Maart 1430), I, 313.

Jacob de Malda, een van de aanvoerders der Doorniksche Geeselaars, inde plaats van Willem Pestiel (c. 8 Sept.-ll Oct. 1349), II, 98, 104.

Jacob de Palude, subdiaken, notaris en deurwaarder van het geestelijk hofte Doornik, dagvaardt den magistaaat dier stad om vöör het hof te ver-schonen, buiten welks voorkennis de verdachte priester Jaspar Fourniergevonnist werd (3 Nov. 1517), II, 297-299, 396.

Jacob, gezeid de Quarouble, van Doornik, keizerlijk notaris, stelt de acteop van het gunstig onderzoek betreffende de Begijnen van Brügge, Aarden-burg, Damme en Gent (17 Mei 1328), I, 178-181; II, 391.

Jacob (Coppin) de Scoenmaker, te Brüssel ter dood gebracht, omdat lüj hetpriesterlijk ambt zonder recht uitoefende (1417), II, 203.

Jacob des Muchos, wetgeleerde, door schepenen van Rijsel nopens kettersgeraadpleegd (26 Nov. 1429), III, 74; — door den magistraat van Bijselgeraadpleegd over de verbeurdverklaring der goederen van verbrandeketters (einde 1429 of begin 1430), III, 78.

Jacob de Straten, professor der godgeleerde Faculteit van Keulen, hechtzijne goedkeuring aan den Malleus maleficarum (vöör 19 Mei 1487), III,146, 147.

Jacob de Vitriaco (van Viiry), pauselijke legaat, predikt in "Viaanderen eenekruisvaart tegen de Albigenzen (begin der 13 ac eeuw), I, 62-63.

Jacob de Zomere, te Gent wegens siecht gedrag, godslastering en heilig-schennis tot vijftig jaar ballingschap veroordeeld (15 Juli 1506), III, 156; —bij de inkomst van de landvoogdes Margaretha te Gent begenadigd, III, 156.

Jacob du Bois, doctor in de godgeleerdheid, kanunnik en deken derO. L. Vrouwenkerk te Atrecht, vervolgt er de kettersche secte der "Wal-denzen met de meeste hardnekkigheid (c. 1 Nov. 1459-22 Oct. 1460), I,346, 347-348, 351, 352-353, 372, 374, 380, 387-389; — wordt krankzinnig(c. Mei 1461), I, 392; — -wordt vöör het Parlement van Parijs door denadvocaat van den heer van Beauffort hevig beschuldigd (Juni 1461), I, 393; —■wordt door Hugo Aymery vöör het Parlement gedaagd (6 Jan. 1462), I, 3Ö6,397; — sterft rampzalig (c, Febr. 1462), I, 392; — door het Parlement totschadevergoeding veroordeeld (20 Mei 1491); I, 462-483; II, 392.

Jacob d'Yppre (van Ieperen), schepen van Rijsel, werkzaam in een onderzoekbetreffende personen van siechten levenswandel (1429), III, 75.

Jacob Genois. baccalaureus, minderbroeder, vertegenwoordigt de minder-broeders van Doornik bij het sluiten van hunne overeenkomst met het kapit-tel dier stad in de zaak van Jan Angeli (1 Maart 1483), III, 135.