252 BALTEN VAN ZASSBN — BAYARDE
liere te Bergen (1511-1512), I, 501; — Pieter Danebrouck te Kortrijk (1514-1515), I, 505; — Hendrik van Eemijck te Leeuwarden voor honderd jaar eneön dag uit Friesland (3 Maart 1517), I, 512-513; — het plakkaat van Karel,graaf van Viaanderen, enz., beveelt levenslange verbanning van den godslas-teraar bij eene derde overtreding (30 Nov. 1517), I, 513-514.
Balten van Zassen, vergezelt, met twee andere afgevaardigden van denmagistraat van Leuven, den Luikschen inquisiteur Hubert Leonardi naarNijvel, om er een inquisitoriaal onderzoek in te stellen (17-19 Juli 1471),
II, 268.
Bar (Thibaat van). Zie Thibaut Van Bar.
Barbadiern (Johannes). Zie Jan Barbachon.
Barre (Jehan). Zie Jan Barre.
Barthelemy Hermant. Zie Nicolle de Gavrelle.
Bartholomaeus (o£ Bertholdus), kettersch augustijn van het klooster vanDordrecht, predikt verdachte sermoenen en wordt deswegen door GeertGroote ijverig vervolgd en door de geestelijke rechtbank van Utrecht veroor-deeld (c. 1380), I, 239-249.
Bartholomaeuskerk (St.) te Luik, duivelbezwering aldaar (kort na 1 Nov. 1374),
III, 42.
Bartraet, Geryt Weners soens wijf, voortvluchtige kettcrin, te Utrecht voorvijf jaar gebannen (1427), I, 306.
Basseveldt (Franchiscus de). Zie Frans van Bassevelde.
Bau (Joannes, gezegd). Zie Jan gezegd Bau.
Bauchiliart (Philibert). Zie Philibert Bauchillart.
Baudart Meurin, wordt door den magistraat van Rijsel naar Terenburggezonden met brieven voor den bisschop en voor den magistraat der stad,om te vernemen of er te Bijsel ketters zijn (22-25 Aug. 1412), III, 50.
Baude (Jehan). Zie Jan Baude.
Baudeloo (Bodelo, abdij van), waar gedurende een half jaar meer dan2500 Geeselaars aankwamen, soms 700 op eönen dag (1319). II, 120-121.
Baudes Galle, wetgeleerde, door schepenen van Rijsel nopens ketters geraad-pleegd (26 Nov. 1429), III, 74, 78.
Baudes Orghet, lid van den magistraat van Rijsel, naar Brügge bij denhertog gezonden betreffende de verbeurdverklaring van goederen van ketters(2-13 Jan. 1430), III, 76-78.
Bauduin Meurin. Zie Boudewijn Meurin.
Bauduyn de Maingonal. Zie Boudewijn de Maingonal.
Bauffremez (Walrandus de). Zie "Walrandus de Bauffremez.
Baufrenus (Johannes). Zie Jan Baufrene.
Bayarde (Jehenne). Zie Johanna Bayarde.