ALGEMEEN REGISTER
OP
CORPUS I, JI EN III.
Aalst. Johannes XXH beveelt den cantor der 0. L. Vrouwenkerk te Ant-werpen aan het Begijnhof van Aalst de goederen te doen terugkeeren, dieervan werden vervreemd (7 Sept. 1317), III, 161; — vier godslasteraars dezerplaats te Gent gebannen (20 Dec. 1480), II, 272.
Aalst (Jan van). Zie Jan van Aalst.
Aardenburg. De Begijnen worden er vrij van alle ketterij bevonden na eenonderzoek namens paus Johannes XXII en Willem, bisschop van Doornik,ingesteld (17 Mei 1328), I, 178-181; II, 391.
Aarschot. De Begijnen dier plaats door Adolf, bisschop van Luik, vrij-gesproken van ketterij (24 Oct. 1324), II, 86-88.
Abbas. Zie Nicolaas.
Abbatia (Johannes de). Zie Jan de l'Abbayb.
Abbaye (Jan de 1'). Zie Jan de l'Abbaye.
AbbS (V) de peu de seas. Zie Jan Lavite.
Abcouwe (Wendelmoet van). Zie Wendelmoet van Abcouwe.
Absalon Oskin, priester, promotor van den officiaal van Doornik, vraagtnamens den bisschop eene reeks afschriften der processtukken van den ketterNicolaas Serrurier (28 Jan. 1422), II, 243-246.
Abt (de). Zie Nicolaas.
Acarin (Jacob). Zie Jacob Acarin.
Ada de Ronville, kanunnik te Atrecbt, ontvangt van paus Gregorius IXinstruoties over de behandeling en het onderhouden van gevangen ketters(12 Febr. 1237), III, 178.
Adam, ketter van Atrecht (1182-1183), I, 47-48, 51.
Adam de Lans, predikheer van 't klooster van Rijsel (15 de eeuw), III, 153.