Druckschrift 
3 (1906) 1236-1513
Entstehung
Seite
XLV
Einzelbild herunterladen
 

INQUISITEURS xlv

1471. Johannes de Bomalia, inquisiteur in het bisdom Luik,wordt in die hoedanigheid door de Hoogeschool vanLeuven erkend, II, 269.

1471. De predikheer Roland le Cosic, pauselijke inquisiteur in hetgansche koninkrijk Frankrijk, over verdachte Stellingente Leuven, I, 423.

1471. De predikheer Jan de Bomal, pauselijke inquisiteur, doorde Hoogeschool van Leuven erkend, I, 423, 424.

Vöör Nov. 1472. Inquisiteur te Atrecht, I, 431, 432.

V66r Nov. 1472. Inquisiteur in 't bisdom Kamerijk, I, 432, 433,434, 439, 440.

1472-1475. De karraeliet Hubert Leonard, inquisiteur in het bis-dom Luik, tegen ketters van Nijvel, I, 4 43 ; IH, 118-120.

1475. Jacobus Jlondighem, predikheer van het klooster te Iepe-ren, aangesteld tot onderinquisiteur in het bisdom Teren-burg, III, 120.

1475. Eustachius a Laude (Alauda, Leeuioercke), predikheervan het klooster te Brügge, aangesteld tot onderinquisi-teur in het bisdom Doornik, III, 121.

1478. De predikheer Eustacius Leeuioercke, algemeene inquisi-

teur te Brügge, in samenwerking met de commissarissenvan den bisschop van Doornik, I, 444-446.

1479. De inquisiteur Jan van Oudaen te Utrecht, I, 447.1479. De pauselijke inquisiteur Jacob Sprenger in aantocht naar

de Nederlanden, I, 448, 449.1479. De predikheer Jan de Angulo (Du Coin), inquisiteur te

Rijsel, I, 449, 452; III, 153.1479. Jan le Vasseur (Vassoris), predikheer van het klooster te

St-Omaars, aangesteld tot inquisiteur in de bisdommen

Terenburg, Kamerijk, Doornik en Atrecht, III, 122;

bevestigd in 1484, III, 141; nogmaals in 1486, III, 144 ;

nogmaals in 1487, 1488 en 1491, III, 149, 150.

1481. Jacob Sprenger, predikheer van het klooster te Keulen,

aangesteld tot inquisiteur in de bisdommen Mainz, Trier,en Keulen, IE, 123.

1482. Michiel Frangois (Francisci), predikheer van het klooster

te Valencijn, aangesteld tot inquisiteur in het bisdomKamerijk, III, 123; bevestigd in 1484, III, 140.1482. Zekere Utrechtsche geestelijken geven zichvoor inquisiteursuit, I, 453.