Druckschrift 
2 (1896) Stukken tot aanvulling vanhet 1. deel (1077-1518)
Entstehung
Seite
326
Einzelbild herunterladen
 

326 CHRONOLOGISCHE LUST DER STUKKEN.

Bl adz.van Doornik over eenen zoon van ketters, die geestelijke is (Defilio herelici) ................... 39

22. 723/, Duitschland en Trier. Uittreksel uit het vierde vervolg op de

Gesta Trevirorum over een kettergeding te Trier (A nno Do-mini) ..................... 39

23. 1235-1236, Artois en Viaanderen. Uittreksel uit Philips Mousket

over de handelingen van den inquisiteur broeder Robert tePeronne, Kamerijk, Dowaai, Rijsel, Asq, Lers en Toufflers(Pias revint par France) .............. 41

24. 1335-1336, Kamerijh en Dowaai. Uittreksel uit Albericus Trium

Fontium over het verbranden van ketters aldaar (A d annum) . 46

25. 1235-1236, Franhrijh en Viaanderen. Uittreksel uit Andreas Silvius

Marchianensis over het vervolgen der ketters door broederRobert (Anno üomini) ............... 46

26. 1335-1236, Vlaanderen. Uittreksel uit eene kronijk van Soissons

over broeder Robert's kettervervolging (Hereticorum maxima). 47

27. 1235-1236, Kamerijh en andere plaatsen. Uittreksel uit eene vijf-

tiendeeuwsche kronijk van Vlaanderen over hetzelfde (Com-ment fröre) ................... 47

28. 1235, Augustus 22, Perusia. Bul van Gregorius IX, gericht tot den

aartsbisschop van Sens, om hem te bevelen de Inquisitie en depredikheeren ter harte te nemen (Quo inter ceteras) ..... 48

29. 1338, Airecht. Uittreksel uit Vineentius Willaert (17 l18 eeuw) over

de instelling der Inquisitie in het predikheerenkloostcr aldaar

( Voyons icy) ................... 49

— 30. Vöör 1274. Uittreksel uit de Summa Theologica van den heiligen

Thomas van Aquino over het dooden der ketters (Dicendum est) 5030"is. (1290-1291 ? Parijs ?) Verzoekschrift der Fransche bisschoppenaan Nikolaas IV tegen den prior der predikheeren van Parijsals inquisiteur (Supplicant prelati) ........... 300

31. 1298, September. Edict van den Franschen koning Philips IV den

Schoone over het behandelen der ketters door zijne rechterlijkcambtenaars in overleg met de bisschoppclijkc cn pauselijkeInquisitie (Universis suis fidelibus) .......... 50

32. 1307, Maart 26, Melun. Brief van den Franschen koning Philips

den Schoone aan den Vlaamschen graaf Robrecht van Bethuneover de uitroeiing van de orde der Tempelridders (Fidei zelus). 51

33. 1307, October 11, Jeperen. Notarielle acte bevattende vier stuk-

ken over het inrichten der vcrvolging tegon de tempelridders :bevel van den Franschen koning Philips den Schoone (Pontoise,20 September 1307), bevel van denzelfden (aldaar, 14 September1307), bevel van den pauselijken inquisiteur Willem van Parijs(aldaar, 22 September 1307), en eene Fransche instruetie overhet aanhouden der tempelridders en het aanslaan hunner bezit-tingen (In nomine Domini) ............. 52

34. (1307), November 29, Brüssel. Brief van den Brabantschen hertog

Jan II aan den Franschen koning over de aanhouding derTempelridders en het aanslaan hunner goederen (Tres eher