populo, qui praesentes in Aquis palatio adesse iussi fuerant, dedit filio
suo Carole maximain Belgarum partem, id est a mari per fines Saxoniae
usque ad fines Ribuariorum totam Frisiam, et per fines Ribuariorum
comitatus Moilla, Batua, Hammelant, Mosagao; deinde etc.
Prudentii Trecensis Annales, bij Pertz,Monum. Script., i, p. 431.
Nithard, Historia, lib. i, cap. 6, bij Pertz, a. w. 11, pag. 653 heeft hetzelfde, docbin de plaats van Batua Haettra.
Pagus Moila, Moeila, Mula, Muleacensis, Molensis, de Molengouw, wordt door Pertz,a. w. i, p. 431 ten onrechte geplaatst in de omstreek van Millingen bij Nijmegen.Zij moet gezocht worden aan de Maas ter hoogte van Venlo, Stralen, Kempen enSuchtelen, waar nog verscheidene plaatsen den ouden naam herinneren. Binterim u.Mooren, die Erzdiözese Köln, i, S. 240.
Over Hameland, dat een groot deel van het latero graafschap Zutfon besloeg, is veelgeschreven. VanSpaen, Inleiding, i, bl. 32, VonLedebur, Bructerer, S.73, Note303,zijn Archiv, iv, S. 31 en 214, vn, S. 193. Van den Bergh, Geographie, bl. 183,Acker Stratingh, Aloude Staat, n, S k 2, bl. 193. Von Landberg-Velen, Geschichte derHerrschaft Genien, in Zeitschrift für Vaterländische Geschichte und Alterthumskunde[Westfalens]. Neue Folge, x (1859) S. 219. Het onderzoekisnognietgesloten. Wilmans,die Kaiserurkunden, i, S. 434, Note 1, helooft het onderwerp in het 2 de deel nadel-te behandelen. Men heeft — deze opmerking, mag ik niet achterwege laten —bij het bepalender grenzen van streken aan onze rivieren gelegen niet genoeg geletop de veranderingen, die deze in den loop der tijden, vooral door bedijking, hebbenondergaan. Een voorbeeld uit velen ten bewijze. Wichmond lag en ligt nog op denrechter oever van den Usel. Den 12 Juli 1451 verkochten de erfgenamen vanWichmond aan het kapittel te Zutfen het Luytgersland bij Roeversweerd, in hetkerspel Wichmond, in het ambt Brummen bij Kortenoever. Roeversweerd, Brummenen Kortenoever liggen thans op den linker oever. De stukken zijn onder N°. 1084in het archief der stad Zutfen.
N°. 32.
Keizer Lodewijk de Vrome trekt met zijn leger naar Nijmegen tegen de Denen.
In het jaar 837.
Anno vero xxiv [regni sui] praenunciavit imperator, ut cum omniexercitu voluisset ire Romam cum filiis suis Pippino et Hludowico, etstatuit sediciones in nonnullis locis contra Danaos. Uli vero Danatnave venientes ad unam sedicionem, et interfecerunt ibi innumerabilemmultitudiuem christianorum; et ibi cecidit Hemmincb, qui erat exstirpe Danorum [sie], dux christianissimus, et Eccihardus, alius dux,et multi optimates imperatoris ; et aliqui comprehensi sunt et postearedempti. Hoc audiens imperator, dimisit iter quod praenunciatum
3*