Druckschrift 
1 (1872) Tot den dood van Graaf Gerard, 22 October 1229
Seite
8
Einzelbild herunterladen
 

8

Actum publice Einharos, anno primo regni domini nostri Theodoricigloriosissimi regis.

Ego Ebroinus hoc testamentum a nie factum relegi et propriamanu firmavi.

Ego Ugilius indignus presbyter, rogante Ebroino comite, in Deinomine scripsi et subscripsi.

Guntbreehtus. Folchbrectus. Godobrectus. Eaedbrectus. Eedualdo.

Herifuso.

Pardessus, Diplomata, n, N°. 519, p. 332.

Eodem anno primo Theodorici regis. Idem Ebroinus comes adprefatam ecclesiam Eynharini deditat alios casatos x, per alteriustestamenti paginam, in eadem villa cum uxoribus et infantibus eorum,cum omni integritate et peculiari eorum, tarn casis quam curticlis,campis , pratis, pascuis, silvis, aquis äquarunique decursibus in earatione quam supra, quam et ipse relegit et propria manu firmavit.Cum testibus et Laurentius Virgilius scripsit et subscripsit.

Würth-Paquet, Table analytique, N. 33, p. 9.

Koning Theoderich kan geen ander zijn dan de iv e van dien naam, die gedurendede jaren 720737 regeerde. Willebrord werd den 22 November 695 tot bisschop vanUtrecht gewijd, aanvaardde in het volgende jaar zijn groot bekeeringswerk en kan inhet daaropvolgende geen custos welke beteekenis aan dat woord gegeven wordeder kerk.te Rindern geweest zijn. Binterim en Mooren, die Erzdiözese Köln, i, S. 265en in, S. 2, dwalen dus door de oorkonde te stellen in het jaar 697, wat ook metgeen regeeringsjaar van een der Theuderichen overeenkomt.

Van Spaen, Inleiding, i, bl. 17, twijfelt aan de echtheid der oorkonde. Foppens,Supplem. ad op. diplom. Miraei, in, p. 560, gaf haar het eerst, doch gebrekkig uit, naareen afschrift van een diploraa, quod de Hollandiae comitibus est vetussimum, hemdoor Van Loon bezorgd. De uitgave bij Pardessus is genomen naar het Gouden Boekder door Willebrord gestichtte abdij te Epternach, uit de xn e eeuw. Rindern werdden 4 Augustus 948 aan die abdij terug gegeven en in het jaar 1238 daarbij ingelijfd.

Zie over de Düffel: Van Spaen, a. w. iv, bl. 70, en Van den Bergh, Geographie, bl. 205.

N°. 7.

Karel Martel geeft aan de kerk te Eist, wat Everard, ontrouw geworden,daar en in de Betuwe ten tijde van Koning Childebert bezeten had, mits bis-schop Willebrord en zijne opvolgers het bezitten zouden.

9 Juli 726.

Ego in Dei nomine illuster vir Karolus, maior domus, filiusPippini quondam, cogitans casum humane fragilitatis, qualiter pec-cata abluere possim et donante Deo ad eterna gaudia pervenire,idcirco trado a die presenti per hane paginam testamenti pro redemp-