* (212) *der Kuisheid vrywilliglyk aan God overgege-ven hebben. Van degeene nu, die zich dusaan God hebben toegewyd, en vervolgens haa-ren Eed breeken, spreekt de gemelde ApostelPaulus 1. Tim. 5. V. 11. en 12. deeze vreeslykeWoorden: Als zy geil zyn geworden in Christo,dan willenze huwelyken, hebbende de Verdoemenis,om dat zy het eerste Geloof gebrooken hebben. (4)De Priesters van het Oude Testament moe-sten zich op zekere Dagen, wanneer zy in denTempel offerden, van haare Vrouen onthouden.zulks geeft de Text Exod. 19. V. 22. genoegzaam te kennen. De Priesters, zegt God totMoyses, die den Heere naderen, zullen hen heiligen, dat is, zich van haare Vrouwen onthou-den, zo als de geleerde Becanus bewyst (r) DePriester Abimelech wilde aan David en degeene,die by hem waren, niet van de Toon-Broodente eeten geven, ten zy hy alvoorens verzekertwas, dat zy beilig waren, en zich eenige Dagenvan de Wyven onthouden hadden. 1. Reg. 21: V.ƒ. 5. en 6. Daar nu onze Priesters dagelyks inden Tempel osteren, en dagelyks, niet de ToonBrooden, maar het Vlees en Bloed JEsu Christi,waarvan de Toon-Brooden slechts eene Figuurwaren, genieten, hoc veel meer is het dan nietbetamelyk, dat zy zich door een kuis Levenheiligen, en zich altoos van de Wyren ont-houden? (r)In her Nieuwe Testament hebben de Apo-245stelen haare Vrouwen verlaten, onze Zaligmakct(g) Vide Cornel. à Lapide in Ioo. cit.(r) In Manuali Conti ov. Lib. 1. Cap. 13. N. 2. & seq.(1) Vide S. Hieron. Lib. 1. contra Jovinian. longè post me-dium cit. R. P. Becan. Manual. Controy. Lib. 1. Cap. 13. N7.Item Siricium Papam in Epist. ad Himer. Tharac. Episc. ibid.
144