Druckschrift 
2 (1762)
Entstehung
Seite
285
Einzelbild herunterladen
 

Van de gefworcn Dienders. 2.$ynaers, die laft lullen hebben van lillekenExecutie te doen, fchuldigh, ende ge-houden zyn den eerften Dienaer, die fyint goedt van fulcke gecondemneerde fte-de-vaft fullen vinden , over te leveren hun-ne Aften, ende Befcheedt, daer mede fyhunne Executien lbuden hebben gedaen,in dien fy aldaer niemant int goedt ge-vonden en hadden ; welcke Aften , oftcondemnatien de voorlz. eerfte Dienaersoock fullen moeten aenveerden, ende geen-*fints refuferen, om alle dAften , oft Von-niflen tfamen , hoe veel dier oock foudenmogen zyn, by de voorlz. eerfte Dienaerster Executie geftelt te worden, ende dit alop de pene, foo wie van de voorfz. Die-naers de voorfz. over-leveringe aen deerfteDienaers niet en fullen willen doen, oftdat de felve eerfte Dienaers weygeren ie-mants Aften tontfangen , by elcken vanhen te verbeuren dry Ryns-guldens, vooralle welcke Executien de voorfz. eerfteDienaers maer en fullen hebben dobbelRecht.

CCLXXIII.

In den verftande dat deerfte Dienaerszynde in Executie, mede fullen moeten exe-cuteren het Recht competerënde de voorfz.andere Dienaers j die hen de voorfz. Aften ,oft Vonniflen fullen hebben over-gegeven.