Van Deffaut tegen den Aen-legger. ipï
XXVI.
Soo verre de Geappelleerde befchrevenzynde in materie van Suppletie , Rejeétie »oft’Correólie ten dage dienende oock nieten compareerden , fal tegen hen gegevenworden Deffaut, ende voor ’t profyt vandien, lullen de Partyen worden verleentandere Brieven penael , als boven, metoock om t’aenhooren alfulcken verfoeck ,als Partye , ’t voorfz. Deffaut geobtineerthebbende, fal willen doen , ten eynde datde Geappelleerde fullen worden gecondem-neert in de kollen van het eerlle Deffaut.
XXVII.
In materie van Appellatie van Vonnis-*fen, foo verre den Appellant ten eerllendage dienende, niet en compareert, noghProcureur in fynen naem, maer de Ge-daeghde, oft Geinthimeerde ,• oft Procu-reur van hunnen t’wegen , foo fullen fy,doende als-dan blycken van’t Dagement,mogen verfoecken Deffaut, ende voor’tprofyt van dien , oirlof van den Hoveende Kollen.
XXVIII.
Ende oft de Gedaeghde oft Geïntimeer-de in de voorfz. faeke van Appellatie als-dan niet en deden blycken, dat den daghdienende waere, foo fullen de felve Ge-